Column Artikel Roze Beeld Artur Krynicki
Column Artikel RozeBeeld Artur Krynicki

In Marokko werd acht keer de doodstraf (!) geëist – en waar was ik?

PlusPaul Vugts

Paul Vugts

Met een vast clubje misdaadjournalisten volgen we nauwgezet de moordprocessen waarin Ridouan Taghi en zijn vermoede doodseskaders hoofdrollen spelen. Zitting na zitting zitten we schouder aan schouder aan de perstafels. Maar in Marokko werd deze week liefst acht keer de doodstraf (!) gevorderd in ons aller afwezigheid.

Het is domweg ondoenlijk uit te vogelen wanneer voorname aktes in die toch cruciale strafzaak zijn voorzien. Het is nogal een professionele ergernis.

Die belangrijkste liquidatiezaak van Marokko is in alles een Nederlandse aangelegenheid. Twee Amsterdammers zouden Taghi’s rivaal Mustapha F. hebben moeten liquideren op het terras van diens café La Creme in Marrakesh. Blind van de stress zagen ze over het hoofd dat hun doelwit van zijn stoel was opgestaan, en dat daar een student geneeskunde was gaan zitten, toevallig ook in een wit T-shirt.

Zo schoten ze een volstrekt onschuldige dood.

Vuurwapengeweld wordt in Marokko sowieso zwaar bestraft, maar het op een terras liquideren van de nietsvermoedende zoon van een opperrechter (ook dat nog) geldt als een misdaad van de absolute buitencategorie.

Behalve de vermoede uitvoerders zijn ook broers Jamal en Morad van Ridouan Taghi onder de acht gedetineerden voor wie de Marokkaanse justitie de doodstraf wil. (Overigens: de doodstraf is in Marokko sinds 1993 niet meer ten uitvoer gelegd, dus in feite heb je het over levenslang.)

Het monsterproces loopt inmiddels in hoger beroep. Om de paar maanden druppelen relevante ontwikkelingen door tot ‘de bunker’ in Amsterdam-Osdorp, waar Taghi en zijn zestien medeverdachten voor onze neuzen terechtstaan.

Een Nederlandse verdachte legde in Marokko brisante verklaringen af in het nadeel van Taghi cum suis. Volgens advocaten lijkt hij te zijn gemarteld, justitie spreekt van een ‘stevig’ verhoor waarin de aanwezige Nederlandse rechercheurs hem weliswaar zagen huilen, maar hun Marokkaanse collega’s zouden hem hebben ‘getroost’.

In het hoger beroep zouden ook andere verdachten zijn gaan praten – en elk woord kan belangrijk zijn in andere zaken.

Een keer of zes bezocht ik de rechtbank in havenstad Tanger voor de strafzaak tegen een naar Marokko gevluchte verdachte van de wildwestschietpartij in de Amsterdamse Staatsliedenbuurt. Dat was een belevenis, en een hele heisa met tolken die het gemurmel én geschreeuw van de procespartijen moesten zien te duiden.

Die zaak kon ik goed volgen doordat de Amsterdamse recherche en justitie ook de vinger aan de pols hielden via hun diplomatieke lijnen. Zonder dergelijke ingangen is niet te achterhalen wanneer in een proces de relevante dagen aanbreken. Lastig, voor iemand die bang is iets belangrijks te missen.

Laat ik het positief zien en nooit mopperen op de voorlichters van onze eigen rechtbanken en gerechtshoven, die ons wél nauwgezet informeren.

Paul Vugts schrijft elke vrijdag over zijn werk als misdaadverslaggever. In de Taghi Podcast vertelt hij samen met collega Wouter Laumans over ontwikkelingen in het proces rond Ridouan Taghi.

Reageren? paul@parool.nl.

Meer over