Marjolijn de Cocq. Beeld Artur Krynicki
Marjolijn de Cocq.Beeld Artur Krynicki

Ik loop zogenaamd zoals het uitkomt, maar probeer toch die 10.000 stappen per dag te scoren

PlusMarjolijn de Cocq

Marjolijn De Cocq

Ik had zelf mijn fitbit al ver voor corona aan de wilgen gehangen, de dwangneurose van het stappen tellen moe. Maar met de pandemie en de Ommetjes van Scherder deden ‘de stapjes’ toch weer hun intree in mijn gezin.

Mijn echtgenoot kiest voor 6000 dagelijkse stappen en als hij daarvoor nog een keer naar de papier/kartonbak moet lopen om de dozen van bezorgde boeken te lozen, doet hij dat graag. Mijn dochter ontdekte de 20.000+ en neemt afwisselend haar broer en moeder op sleeptouw. Moeder zelf loopt zogenaamd zoals het uitkomt, maar probeert toch die gepropageerde 10.000 per dag te scoren.

Slim dus van Roos Hamelink en Hannah Bakx om op die stappenmanie in te springen met het wandelboek Amsterdam in 10.000 stappen. Maar ze hebben ook een mooie extra. De makers studeerden publieksgeschiedenis aan de UvA en gidsen in tien wandelingen, elk zo’n zeven kilometer lang, langs de geschiedenis van de stadswijken.

In hun voorwoord refereren ze aan de woorden waarmee de Amsterdamse journalist Jan Feith in 1914 de allereerste ANWB-wandeling, van Amsterdam naar Arnhem, opende: ‘We slaan met een hyper-nerveus gebaar van allermodernste verbazing, de handen boven ons hoofd samen, en richten de oogen met een languisanten blik naar onze voeten – wàt! wordt er nog gewandeld in deze wereld, en waagt men het in de twintigste eeuw, onze aandacht te vragen voor zoo iets barbaarsch als het zich-voortbewegen-per-voet?’

Meer dan een eeuw verder, zijn we met die 10.000 stappen van ons. En let wel, die door de tijd springende wandelingen van Hamelink en Bak leveren bonusstappen op, want de meeste beginnen en eindigen op een andere plek.

Ik begin met een 10.000je op eigen territorium. Start: Blauwbrug (2500 stappen extra), met uitzicht op de Magere Brug die toen hij in 1670 werd gebouwd nog een stuk magerder was en naar verluidt werd gebouwd voor de gezusters Mager. De roemruchte geschiedenis van de Stopera, waarvan de eerste paal uiteindelijk in 1982 de grond in ging, in het geheim en met politiebewaking.

De synagogen, de Dokwerker, de Hortus, de Hollandsche Schouwburg, Artis, het atelier op de Plantage Muidergracht van ‘de Gaudí van Amsterdam’ Hildo Krop. Via Kadijken, Scheepvaartmuseum, Marineterrein, Wittenburg en Oostenburg naar molen De Gooyer – niet op zijn oorspronkelijke plek, maar de laatst overgeblevene van een groep korenmolens die van de zeventiende tot de negentiende verspreid aan de rand van de stad stonden.

Eindpunt: Proeflokaal de Molen van Brouwerij ’t IJ, in het voormalige Gemeentelijk Badhuis ernaast. Perfect, doet u maar een Zatte! Voldaan van buurthistorie, nog (maar) 1100 stappen naar huis als we dan toch weer aan het tellen zijn geslagen.

Marjolijn de Cocq schrijft elke week een column voor Het Parool. Lees al haar columns hier terug.
Reageren? m.decocq@parool.nl

Meer over