Theodor Holman. Beeld Artur Krynicki
Theodor Holman.Beeld Artur Krynicki

‘Ik denk de hele dag aan die kleine klotedingen en dan is er geen ruimte voor Oekraïne; eigen sores eerst!’

PlusTheodor Holman

Theodor Holman

We zaten op een terras en we spraken over wat ons was opgevallen: de kitsch-emotie met de plastic tranen en het valse schuldgevoel van Tim den Besten die op de Pride een Sinterklaasliedje had gezongen dat mogelijkerwijs – door een stel idioten die de ondergang van het denken en de creativiteit op het oog hebben – als je heel krom dacht, geïnterpreteerd zou kunnen worden als racistisch.

Tim had spijt dat hij Sinterklaasje kom maar binnen met je knecht had gezongen!

Tja… Altijd is Kortjakje Ziek is heel vrouwonvriendelijk. Die Kortjakje is niet ziek, ze stelt zich maar aan, want ze kan wel naar de kerk. Het is eigenlijk een hoer met haar korte jakje. Nooit meer zingen, Tim. En alle Sinterklaasliedjes zijn uiteraard racistisch!

Vriend en ik lachten.

Toen we het even later over Oekraïne hadden, hoorde ik iets waarvan ik schrok.

“Het is de inflatie waardoor ik me niet meer voor Oekraïne kan interesseren,” zei vriend die alleen AOW ontvangt.

“Ik knijp ’m,” zei hij. Een uitdrukking die je niet meer hoort, maar met een mooie dubbele betekenis: hij knijpt af, doet alles minder en knijp is hier ook synoniem voor angst.

“Ik denk de hele dag aan die kleine klotedingen,” vervolgde hij. “Zal ik dit kopen of dat of moet ik straks weer naar de boer fietsen, zoals mijn ouders in de oorlog. Het meest maak ik me druk over het voer voor Mauw. Die heeft dat speciale godvergeten dure kattenvoer nodig. ‘Pap,’ vroeg mijn dochter, ‘wat wil je voor je verjaardag?’ Kattevoer, zei ik.”

Een bittere glimlach.

“En dan denk ik natuurlijk ook aan het klimaat,” zei hij, “aan de boeren, aan de tweedeling, aan de jongeren die geen huizen hebben, aan de asielzoekers die komen. En dan is er geen ruimte voor Oekraïne. Eigen sores eerst!”

We bestelden nog een biertje.

“Het ergst is de stille vernedering,” zei hij.

“Wat is stille vernedering?”

“Niet echt door iemand vernederd worden, maar de vernedering in je geest. Dat je denkt: straks moet ik van jou of van mijn dochter geld lenen. Dat is vernederend. Straks moet ik naar de voedselbank. Dat vind ik ook vernederend. Straks kan ik de tandarts niet betalen of de dierenarts als Mauw erger ziek wordt… En dan het besef: verdomme, ik ben mislukt. Ik kan niet eens goed voor mezelf zorgen! Terwijl ik dacht dat ik het goed had gedaan…Nee, Oekraïne is ver weg. Te ver voor mij.”

Theodor Holman (1953) is columnist, schrijver, televisie- en radiomaker. Elke dag, uitgezonderd zondag, lees je hier zijn column. Lees al zijn columns terug in het archief.

Reageren? t.holman@parool.nl.