Maarten Mol. Beeld Sjoukje Bierma
Maarten Mol.Beeld Sjoukje Bierma

Ik denk dat dit een van de grootste angsten is van de mens

PlusMaarten Moll

Maarten Moll

Soms ben je zo in gedachten dat je flink kunt afdwalen, en zo vond ik mezelf ‘opeens’ terug tijdens het beklimmen van de Amsterdamsebrug.

Ik trapte door, bereikte het hoogste punt, en niet veel later fietste ik Zeeburgereiland op.

Rechts de flats van de Sluisbuurt, links een vlakte. Met Het Palenhuis.

Het is een kunstwerk van Piet van Wijk; een huisje van weathering steel op 28 hoge stalen palen.

Mooi ding. Jammer dat het huisje geen deur en ramen en schoorsteen heeft, anders had ik er best een tijdje willen wonen.

Het Palenhuis is tegelijkertijd een ‘ode aan de heipaal’ onder het motto ‘wie de lucht in wil moet eerst de grond in’.

Verderop in deze buurt kun je de grond in. Daar is een tijdelijke installatie van ontwerpstudio RAAAF in een oude silo.

Black Water.

Niet echt de grond in, maar wel een afgesloten ruimte in. ‘Je kruipt achterstevoren door de enige ingang van de 22 meter hoge en 22 meter brede silo, een korte pijp,’ las ik in de krant. En dan sta je in het duister. ‘Je ziet enkele minuten helemaal niks, wat kan leiden tot een gevoel van ongemak en beklemming.’

Er stond een foto bij van een man die het voordeed, van dat kruipen, en waar ik het al Spaans benauwd van kreeg.

Een paar weken geleden zag ik op tv de eerste aflevering van de Engelse politieserie Grace, met de fantastische John Simm. Waarin een man levend in een doodskist wordt begraven. Vrijgezellenavondgrap. Hahaha. Het busje vol met grappenmakers verongelukt vervolgens.

Ik zette meteen een raam open.

Ik blies in een plastic zakje.

(Ja, het is fictie, ik weet het, maar toch.)

Later werd de slang waarmee de opgesloten man verse lucht kon halen ook nog uit de kist getrokken wat alles nog huiveringwekkender maakte. (Ik wilde angstaanjagender schrijven, wat de lading meer dekt, maar ik gebruik in de volgende zin ook een woord met angst erin.)

Ik denk dat dit een van de grootste angsten is van de mens.

Als je Beatrix Kiddo heet, is dat geen probleem, dan sla je met je vuist een gat in het hout en worstel je naar boven. (In de film Kill Bill 2.)

Als je Rex Hofman heet en hebt uitgevonden wat er met je verdwenen vriendin is gebeurd, is dat wel een probleem. (In de roman Het gouden ei.)

Om maar een paar voorbeelden te geven.

En dan draait er momenteel in de bioscopen de film The Rescue, over het redden van een groep Thaise voetballertjes uit een onder water gelopen grottenstelsel.

Een duistere ruimte die je in moet door een nauwe pijp. Zonder ergens een raam open te kunnen doen.

Leuk hoor, kunst, maar met nog geen honderd paarden.

Hoe was ik hier ook alweer terechtgekomen?

Ik liet alles achter me en fietste de Amsterdamsebrug op.

Maarten Moll schrijft over dagelijkse beslommeringen in de stad. Lees al zijn columns terug in het archief.

Reageren? m.moll@parool.nl

Meer over