Theodor Holman. Beeld Artur Krynicki
Theodor Holman.Beeld Artur Krynicki

Hoe spel ervoor zorgt dat je de werkelijkheid aankunt

PlusTheodor Holman

Theodor Holman

De afschuwelijkste film over de oorlog die ik ooit zag, was Jeux interdits van René Clement. Ik was zestien en mijn moeder raakte er niet over uitgepraat.

“Zo mooi. Pure poëzie. Zo prachtig.”

“Waar gaat hij dan over?”

“Over twee kinderen in de oorlog. Het meisje van vijf jaar verliest haar ouders en komt terecht bij een boerenfamilie… Zo mooi.”

Vermoedelijk dacht ik bij de ‘verboden spelen’ in combinatie met Frankrijk en oorlog aan keiharde gevechten, dus ging ik kijken met mijn vriendjes in de Uitkijk, de bioscoop waar hij draaide.

De eerste minuten van die film maakten me al misselijk. Beide ouders van het meisje komen om tijdens een bombardement. Maar ook haar hondje. Terwijl ze met het dode hondje sleurt, komt ze terecht bij een boerenfamilie. De herinnering aan die film was altijd pijnlijk.

Nu zag ik die film weer op Netflix en begreep ik mijn moeder.

Wat een poëzie! Al bleven die eerste beelden gruwelijk. Tot mijn genoegen zag ik dat Pierre Bost had meegeschreven aan het scenario. (Hij was een minnaar van Simone de Beauvoir.) De film gaat over de liefde, de dood en religie; de kinderen maken een kerkhof voor dode dieren, terwijl op de achtergrond de oorlog slachtoffers eist die ook begraven moeten worden wat met ruzie tussen de buren gepaard gaat. Het verboden spel is dat de kinderen kruizen van de begraafplaats en uit de kerk stelen om op de graven van de dode dieren te zetten.

Hoe spel ervoor zorgt dat je de werkelijkheid aankunt.

De dood, die voor de kinderen onbegrijpelijk is, krijgt door hun fantasiewereld betekenis. Hoewel: ze spelen begrafenisje, maar het is ook echt!

De film is zeventig jaar oud en ik ging hem weer bekijken nadat ik een reeks Russische bombardementen had gezien. Na het bombardement waren er beelden van mannen en vrouwen en vooral kinderen in een ziekenhuis. Een ziekenhuis waarvan men bang was dat het gebombardeerd zou worden, althans dat meende ik op te maken uit wat ik hoorde. Een van de kinderen speelde met een pop. Toen zapte ik weg.

Die pop, vuil en vies, was voor het kind een onderdeel van een spel, maar het was ook de werkelijkheid. Die pop maakte niet alleen het onbegrijpelijke aanvaardbaar, het was een illusie waaraan ze zich kon vasthouden. Die pop was even mens geworden. In Jeux interdits werd het begraven van de dode dieren door de kinderen een daad van ontroerende menselijkheid.

Theodor Holman (1953) is columnist, schrijver, televisie- en radiomaker. Elke dag, uitgezonderd zondag, lees je hier zijn column. Lees al zijn columns terug in het archief.

Reageren? t.holman@parool.nl.

Meer over