Theodor Holman. Beeld Artur Krynicki
Theodor Holman.Beeld Artur Krynicki

Het is niet gek dat Moskou en Teheran gezellige contacten onderhouden, gezien hun religieuze fanatisme

PlusTheodor Holman

Theodor Holman

Ik kon niet geloven dat Salman Rushdie was neergestoken.

Ik kon niet geloven dat de dader een 24-jarige Iraanaanhanger was, een sjiitische extremist.

Ik kon niet geloven dat iemand een ongewapende 75-jarige man wilde vermoorden, die het nota bene altijd heeft opgenomen voor verschoppelingen.

Ik kon het niet geloven - en ik voelde weer die specifieke emotie die ik na de moord op Theo van Gogh ook had. Ik wéét wat voor idiote redeneringen bepaalde godsdiensten (en vooral de islam) erop na houden, ik wéét wat de consequenties van die redeneringen kunnen zijn, maar je ervaart ongeloof als die consequentie getrokken wordt.

‘Je moet niet alle islamieten hiervan nu de schuld geven,’ hoorde ik meteen. Ja, dat weet ik – in theorie – ook wel. Maar toen in Iran (84 miljoen islamieten) die schoft van een Khomeini een fatwa over Rushdie uitsprak, juichte het volk. Rushdies portret werd verbrand, zijn vertalers bedreigd en vermoord.

En nu?

De Iraanse pers heeft de aanslagpleger gefeliciteerd.

Oké, niet alle islamieten staan achter zo’n aanslag. Maar wel miljoenen in Iran – waar niet veel is veranderd sinds de dood van Khomeini – en waarschijnlijk ook miljoenen en miljoenen in andere islamitische landen. Dat zijn er nogal wat.

Ik weet dat het zo is, maar het is ongelooflijk.

Wat weet ik eigenlijk? Dat zo’n man het deed omdat zijn daad door al die miljoenen en miljoenen (veel meer dan er inwoners zijn in Nederland) gerechtvaardigd wordt. Het is in hun ogen een verzetsdaad, een heldendaad – die ook door sommige islamieten in Nederland wordt gesteund.

Het is niet omdat ik het er met de haren wil bijslepen, maar dat godsdienstige fanatisme zie je ook in de oorlog tussen Rusland en Oekraïne waar de Khomeini in het Kremlin, om zijn eigen waanzinnige religieuze potpourri aan de man te brengen, zijn zonen en dochters als brandhout in de strijd werpt. Gek is het dus niet dat Moskou en Teheran gezellige contacten onderhouden.

De miljoenen en miljoenen die de aanslag op Rushdie goedkeuren, haten hem ook.

Om wat in godsnaam?

Om zijn literaire verbeelding!

Je beseft dat Wilders nog ernstig gevaar loopt en zeker ook de vrijheid van meningsuiting. Die wordt al minder. Niet omdat men die niet wil, maar omdat die gevaarlijk is. Even een mening die iemand niet bevalt en je wordt gecanceld of er staat een prijs op je hoofd.

Wie zegt wat hij wil, is een schietschijf.

Theodor Holman (1953) is columnist, schrijver, televisie- en radiomaker. Elke dag, uitgezonderd zondag, lees je hier zijn column. Lees al zijn columns terug in het archief.

Reageren? t.holman@parool.nl.