Massih Hutak. Beeld Artur Krynicki
Massih Hutak.Beeld Artur Krynicki

Elke (werk)dag in de Arena was een dag om nooit meer te vergeten

PlusMassih Hutak

Massih Hutak

En ineens zat ik zondag in de Johan Cruijff Arena te kijken naar de voetbalwedstrijd tussen het Nederlands elftal en Denemarken. Ik noem mezelf een voetballiefhebber en volg Oranje met interesse, maar die zaterdagochtend had ik eerlijk gezegd nog geen idee dat er een oefenpotje op de agenda stond. Laat staan dat ik er zelf live bij zou zijn.

Toen de Johan Cruijff Arena nog ‘de Arena’ heette, werkte ik er een tijdje als broodjes- en frisdrankenverkoper. Het was in mijn middelbareschoolperiode. Mijn beste vriendin nam me op een dag mee, omdat haar werkgever nog jonge krachten zocht.

Ik was nooit in het stadion geweest. Ik kende het alleen van samenvattingen van Ajaxwedstrijden die ik zag op de televisie tijdens Studio Sport. Nu kwam ik voor diezelfde Ajaxwedstrijden gratis binnen. Met een beetje geluk maakte ik een deel live mee in het stadion, werd me zowat beloofd tijdens het sollicitatiegesprek, dat eigenlijk geen sollicitatiegesprek was, want ik stond meteen in de keuken om broodjes warm vlees, broodjes bal en patat klaar te maken. Daarnaast moest ik allerlei soorten frisdrank en maltbier schenken. Hier hield de taakomschrijving zo een beetje op.

Tot mijn plezier gebeurde het vaak dat ik tijdens mijn diensten delen van de wedstrijden gewoon in het stadion kon gaan zitten kijken. De drukste momenten waren eigenlijk net voor het eerste fluitsignaal en in de rust. Daarna konden we in principe de zaak sluiten. Talloze tweede helften heb ik of op de tribune of gewoon vanaf de trapgang gevolgd.

Het mooiste was de kolkende Amsterdamse menigte als er tijdens de klassieker of tegen PSV een doelpunt werd gescoord door Ajax. Zittend tussen totaal onbekende mensen die me in de armen sprongen en optilden en trakteerden op snacks die ikzelf zojuist voor ze had klaargemaakt, realiseerde ik me: dit is mijn club voor het leven.

De metroreis heen en weer op zondagen was op zichzelf een avontuur. Enthousiaste en vaak ook dronken fans die clubliederen schreeuwden en delen van de metro sloopten, waren niet per se mijn pakkie an. Daar vervolgens weer samen met mensen die ik net ontmoet had van alles van vinden was wel weer lekker gezellig.

Ik nodigde mijn nieuwe vrienden vervolgens vrolijk uit bij mijn eetstand. Sommigen kwamen, anderen nooit. Hoe dan ook, elke (werk)dag in de Arena was altijd een dag om nooit meer te vergeten.

Zondag zat ik na lange tijd weer in het stadion. Mijn oom had ineens een kaartje over, dus mocht ik met hem en drie van zijn vrienden mee. Ik voelde de behoefte om spontaan broodjes en frisdrank voor iedereen te gaan klaarmaken. Denkend aan de tijd dat ik tussen al die jonge miljonairs de mooiste baan had van iedereen.

Dit moet ik vaker doen.

Rapper en schrijver Massih Hutak (1992) schrijft elke week een column voor Het Parool. Lees al zijn columns hier terug.

Meer over