null Beeld Sjoukje Bierma
Beeld Sjoukje Bierma

De kop van het zeehondenjong was helemaal weggevreten

PlusMaarten Moll

Maarten Moll

Op het strand lag iets dat op een zeehond leek.

De hond trok hard aan de lijn.

Hoe dichter we het grijze ding naderden, hoe meer het echt de vorm van een zeehond aannam.

Maar wat het ook was, het maakte geen aanstalten zich uit de voeten te maken.

Vanuit Kaap Noord, tussen de gerechten door, hadden we een dag eerder al lang naar de zee gekeken in onze strijd wie het eerst een zeehond zou zien. Tevergeefs. M. kwam het dichtst in de buurt, maar het bleek bij nader inzien toch een zeevogel te zijn.

We stonden stil op een meter of drie van wat we dachten dat het was. De hond jankte zacht en zeer melodieus.

Het was een zeehond. Een kleine.

Dood.

Zonder vinnen.

En, zagen we toen we eromheen liepen, zonder kop. Dat wil zeggen: de kop was helemaal weggevreten zodat alleen het wit van de schedel zichtbaar was.

Het zag er tegelijkertijd zielig en luguber uit.

Ik denk dat dierenvriend Jan Wolkers – we waren tenslotte op het eiland waar hij lang had gewoond – er wel iets over gezegd had. De zeehond was Wolkers niet vreemd.

Wolkers verbleef in 1971 een week op een ander eiland, het onbewoonde eiland Rottumerplaat. Op een dag vond hij een zeehondenjong. “Ik heb wel een uur met hem rondgelopen of ik zijn moeder zag. Hij heeft erg naar me gebeten, ik weet niet of dat normaal is?” verklaarde hij voor de radio.

Dit leek ons ook een jong, gezien het formaat. En ergens in zee zwom de moeder. Hoe lang missen zeehondenmoeders een jong?

Jan Wolkers. Ik kan het verkeerd hebben, maar heel zichtbaar is de schrijver niet op Texel. Ik kwam hem niet veel tegen. (Of ik heb slecht opgelet.) In een vijver in Den Burg staat een beeld van hem. Maar bij Nauta Boek werd ik niet aan hem herinnerd, al zal zijn biografie er ongetwijfeld ergens in een kast staan. En in geen van de strandtenten waar we zaten is ook maar iets vernoemd naar de bekendste Texelaars.

Op een dag reden we over de Rozendijk nabij Den Burg en meende ik tussen het groen door Huize Pomona te zien, waar hij lang heeft gewoond. Een mooi wit huis.

Zijn as is uitgestrooid onder een boom in de tuin. Dezelfde tuin waarin hij een legendarisch filmpje voor een televisieprogramma opnam over het spuugbeestje.

Op 19 oktober is het alweer vijftien jaar geleden dat hij overleed.

We stonden nog een tijd naar de dode zeehond te kijken.

Het was de eerste zeehond die we dat weekeinde zagen, maar niemand had gewonnen.

Maarten Moll schrijft over dagelijkse beslommeringen in de stad. Lees al zijn columns terug in het archief.

Reageren? m.moll@parool.nl.

Meer over