Nico Dijkshoorn. Beeld Artur Krynicki
Nico Dijkshoorn.Beeld Artur Krynicki

De aanval, boomers! Niet gaan zitten kniezen als ze Okay Boomer tegen je zeggen

PlusNico Dijkshoorn

Nico Dijkshoorn

Enkele weken terug zag ik Max Pam, in het boekenprogramma Brommer Op Zee, uitleggen, waarom hij mensen die het woord boomer gebruiken fascisten vindt. Hier, in Het Parool, legde hij dat al eens uit in een column.

Nu kan je daar jaren over gaan zitten klagen, maar je kunt ook de aanval kiezen. Ik heb de laatste drie weken geprobeerd om de Okay Boomer Jugend op de knieën te krijgen en ik moet zeggen: met groot succes. Ik heb ze bestreden met eigen wapens.

Ik ben in een café gaan staan en heb gewacht tot er iemand van onder 30 tegen me aan begon te praten. Ik herinner me een verhaal over paragliden in Zuid-Afrika en dat ik op Spotify moest gaan luisteren naar de nieuwe track van hiphopper Dandruft Dee Clitsious. Ik luisterde, wachtte tot hij ophield met praten en zei: “Okay, studieschuld.”

Dat kwam binnen. Ik heb daarna nog een paar variaties geprobeerd. Okay Bootcamper, Okay Hitlerkapsel en Okay Speciaalbier, maar Okay Studieschuld werkte het best. Het gesprek viel onmiddellijk dood en ik liet de aanstormende jeugd achter met een een min of meer voltooid leven, dat voornamelijk gevuld zou worden met het afbetalen van een studie waar ze achteraf helemaal niets aan bleken te hebben.

De aanval, boomers! Niet gaan zitten kniezen als ze Okay Boomer tegen je zeggen en zeker niet op de vuist gaan met boomerzeggers, nee, zoek de taalkundige aanval. Hanteer dezelfde strategie: lach jongeren heel hard uit om iets waar ze helemaal niets aan kunnen doen.

Ik ben drie dagen lang in verschillende now-and-wow koffietentjes en lunchrooms gaan zitten, waar de gedoemde jeugd drie uur lang gratis gebruikmaakt van wifi met een minuscuul kartonnen bekertje havermoutmelkkoffie voor de neus.

Ik koos vrij specifiek voor zaakjes waar keihard de naam van klant wordt geschreeuwd als de ingewikkelde koffie klaar is en ik ben zo dicht mogelijk bij het afhaalpunt gaan zitten. Daarna was het één lang doorlopend beledigingsfeest.

Er werd een beker op de balie gezet, een medewerker riep heel hard: “Siep”, ik wachtte tot Siep – paars haar – haar koffie kwam halen en dan zei ik: “Okay Siepppp.” Dat werkte als een trein. Daar kwam hij aan, Bokkel, met twee flippo’s in zijn oorlellen genaaid. “Okay Bokkeltje.” En daar liep de volgende boomerzegger alweer naar haar bekertje. “Okay Caramella.”

Ze voelden het. Ik nam ze iets kwalijk waar ze niets aan konden doen. Wat het allemaal nog erger maakte: zij kregen hun naam van twee boomers. Hun ouders.

Nico Dijkshoorn schrijft wekelijks een column voor Het Parool en spreekt zijn bijdragen ook geregeld in.

Reageren? n.dijkshoorn@parool.nl.

Meer over