Marcel Levi. Beeld Artur Krynicki
Marcel Levi.Beeld Artur Krynicki

‘An apple a day’ werkt niet voor iedereen

PlusMarcel Levi

Marcel Levi

Er is in medische tijdschriften nogal wat debat of het bekende gezegde ‘An apple a day keeps the doctor away’ waar is of niet. Er is zelfs wetenschappelijk onderzoek naar gedaan met als interessante uitkomst dat mensen die geregeld appels eten minder vaak ziek zijn en minder medische zorg nodig hebben. Maar toen vervolgens gecorrigeerd werd voor het feit dat mensen met een hogere opleiding en meer inkomen kennelijk meer appels eten, bleek het hele appel-effect volledig door verschillen in sociaal-economische status te worden verklaard.

Immers, goed verdienende mensen hebben een enorm gezondheidsvoordeel ten opzichte van mensen die het minder goed hebben. Mensen met een hogere opleiding leven zomaar zeven jaar langer dan mensen met alleen basisonderwijs of een lagere beroepsopleiding. Dat verschil is nog een stuk groter in het voordeel van hoogopgeleiden als je kijkt naar jaren waarin mensen gezond zijn of zich gezond voelen. Er zijn verschillende redenen waarom mensen met een lager inkomen ongezonder zijn. Belangrijke factor is een minder gezonde leefstijl. Gezond eten en sporten is duur en voor sommigen daarom moeilijker haalbaar.

Een gezond gewicht en niet-roken hebben een extreem positief effect op gezondheid, vaak al op korte termijn. Logisch dat preventie dus vaak vooral gericht is op deze interventies. Maar als deze programma’s al moeizaam enig succes lijken te hebben, betreft dat vooral weer die groep hoger opgeleiden en beter verdienende mensen terwijl groepen met lagere sociaal-economische omstandigheden niet of nauwelijks worden bereikt. Met andere woorden: preventieprogramma’s zijn vaak niet of heel matig effectief bij mensen die er potentieel het meeste voordeel van zouden kunnen hebben.

Een goed voorbeeld zijn preventieprogramma’s en media-aandacht gericht op de schadelijke effecten van roken. De afgelopen twintig jaar is onder hoogopgeleide en goed verdienende mensen het aantal rokers gedaald van 25 procent naar 10 procent. Bij mensen met een lager inkomen is er een afname van 35 naar 25 procent. Mooie successen, maar tegelijkertijd is het gezondheidsverschil tussen hen die het goed hebben en mensen die het minder goed hebben daarmee vooral toegenomen.

Een intelligent rapport van de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid pleit daarom voor ander preventiebeleid. Het pleit voor een focus op gezondheidspotentieel, dat wil zeggen het verschuiven van de focus van interventies die een gemiddeld (maar dus vaak heel scheef verdeeld) gezondheidseffect hebben naar programma’s die focussen op waar de meeste winst te boeken is, wellicht in een selectie van de bevolking.

Helaas is het vernuft van een dergelijke aanpak nog niet geland bij beleidsmakers en politici. De in de afgelopen jaren gepredikte doctrine van ‘eigen verantwoordelijkheid’ was niet alleen gemakzuchtig en lekker goedkoop maar heeft aantoonbaar gefaald. Het is hoog tijd voor een drastische wijziging van de koers als we de Nederlandse gezondheid de komende jaren willen verbeteren.

Marcel Levi is voorzitter van de raad van bestuur van de Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek (NWO). Daarvoor was hij ceo van University College London Hospitals en bestuursvoorzitter van het AMC. Lees al zijn columns hier terug.

Reageren? m.levi@parool.nl.

Meer over