Interview

Zorgnetwerker Mark Kramer: ‘Verzilver de lessen uit de coronacrisis’

De lege plek die Ernst Kuipers achterliet toen hij bij het Landelijk Netwerk Acute Zorg (LNAZ) vertrok om minister te worden, wordt opgevuld door bestuurder Mark Kramer van Amsterdam UMC. Hij vervult deze functie samen met Ina Kuper, bestuurder van ziekenhuis Isala in Zwolle.

Malika Sevil
Mark Kramer: 'De crisis was vreselijk, maar heeft ook een revolutie in de zorg teweeggebracht.' Beeld Martijn Gijsbertsen
Mark Kramer: 'De crisis was vreselijk, maar heeft ook een revolutie in de zorg teweeggebracht.'Beeld Martijn Gijsbertsen

Als voorzitter van Roaz Noord-Holland/Flevoland deed Kramer in de regio hetzelfde als Kuipers landelijk deed: zorgen dat de patiënten eerlijk over de ziekenhuizen worden verdeeld. Achter de schermen zat Kramer aan tafel met huisartsen, ambulancediensten, ziekenhuizen, verpleeg- en verzorgingshuizen en thuiszorg.

Vanuit die positie overzag Kramer, van huis uit een internist-hematoloog, het hele plaatje. De druk op zorg, zo benadrukte hij meermaals in deze krant, reikt veel verder dan alleen de ic’s en de verpleegafdelingen in de ziekenhuizen, die zoveel aandacht kregen bij talkshows en in de kranten. Als het daar overloopt, heeft de zorg een probleem, maar dat geldt net zo goed voor het vastlopen van de huisartsenzorg. Al die zorgaanbieders vormen een kaartenhuis, en als er een paar kaarten wankelen, dan is het hele bouwwerk instabiel.

U komt zelf uit een ziekenhuisomgeving. Is het voorzitterschap van het Roaz voor u een eyeopener geweest? U zag immers toen pas in volle omvang hoe alle zorgaanbieders op elkaar leunen, van de thuiszorg tot de intensive care.

“Ja, maar dat moeten we dus ook benutten. We hebben in de coronacrisis bijvoorbeeld kunnen regelen dat coronapatiënten eerder uit het ziekenhuis konden worden ontslagen, om thuis, onder regie van de huisarts met zuurstof verder te herstellen. Goed voor de patiënt, maar ook voor de ziekenhuizen, want die hadden weer plaats voor nieuwe patiënten. Dit is een mooie samenwerking. Maar dat kan natuurlijk op veel meer fronten.”

Je zou ook kunnen zeggen: zonde dat zorgaanbieders voor de crisis op eilandjes zaten.

“Crisis is vreselijk, maar er komen ook altijd dingen uit voort waardoor het beter wordt. Het heeft eigenlijk een soort revolutie in de zorg teweeggebracht. Op 13 maart 2020, toen bij Roaz Noord-Holland/Flevoland vanwege corona de crisisorganisatie werd uitgeroepen, wisten we niet hoeveel bedden de ziekenhuizen met personeel konden bemannen. Door de marktwerking in de zorg werd die informatie als een bedrijfsgeheim gezien. We hebben toen afgesproken om al die gegevens wel met elkaar te delen, zodat we elkaar kunnen helpen en we patiënten kunnen spreiden. Dat vertrouwen is er. In elk geval heeft in Noord-Holland/Flevoland bij het uitplaatsen van coronapatiënten niemand elkaar belazerd.”

U pleit voor meer aandacht voor de eerstelijnszorg, zoals de huisartsenzorg.

“Zéker. Het is echt zonde als een 86-jarige thuiswonende na een val naar het duurste hotelbed van Amsterdam wordt gereden, namelijk Amsterdam UMC, omdat er in een eerstelijnsopvang – waar deze patiënt veel beter past – niet beschikbaar is. Concentratie van doodzieke patiënten krijgt vaak heel veel aandacht, maar het gaat daarbij om een kleine minderheid. Tweederde van de patiënten die op de SEH terechtkomt, gaat dezelfde dag weer naar huis. Daar kun je belangrijke stappen maken, bijvoorbeeld door huisartsenposten en SEH’s, die vaak al naast elkaar zitten, intensiever met elkaar samen te laten werken. Die behoefte wordt door beide partijen gevoeld. Daar wordt in Amsterdam nog hard aan gewerkt. Bij het BovenIJ smelten de huisartsenpost en de SEH samen. Daar worden al hele belangrijke stappen gezet. Dat hebben we dus ook te danken aan de nauwere contacten tijdens de pandemie. Het zou doodzonde zijn als we nu niet gaan verzilveren, wat we in de coronacrisis met elkaar hebben opgebouwd.”

Plan: spreiding voor alle patiënten

Noord-Holland en Flevoland willen de spreiding zoals bij corona mogelijk maken voor alle patiënten in de regio. Ze komen met een voorstel aan het ministerie van VWS, de Nederlandse Zorgautoriteit en de zorgverzekeraars. Opnamestops bij de Spoedeisende Hulp zou dan weer een uitzonderlijk iets kunnen worden, is de hoop.

Bij een opnamestop moeten SEH’s een paar uur lang nieuwe patiënten weigeren, omdat ze vol liggen. Vaak zijn zorgverleners dan druk met het rondbellen naar andere ziekenhuizen of er nog plek is. Met een nieuw systeem zou het voor alle ziekenhuizen duidelijk moeten zijn waar het druk is. Niet alleen zouden ambulances dan direct kunnen uitwijken naar ziekenhuizen met relatief veel ruimte, ook kunnen ziekenhuizen die bijna aan hun taks zitten, hun patiënten overplaatsen naar collega’s die het minder druk hebben.

Het idee is de regio Noord-Holland/Flevoland te splitsen in zes sub-regio’s. Voor Groot-Amsterdam betekent dit dat Amsterdam UMC, OLVG, BovenIJ, Amstelland en het Zaans Medisch Centrum gaan samenwerken.

Meer over