PlusReportage

Zo onveilig is het Amsterdamse verkeer: ‘Fietsers doen maar wat’

Het gekrioel van fietsers op de Stadhouderskade, bij het Rijksmuseum. Het verkeer is steeds onveiliger, vinden veel Amsterdammers.  Beeld Eva Plevier
Het gekrioel van fietsers op de Stadhouderskade, bij het Rijksmuseum. Het verkeer is steeds onveiliger, vinden veel Amsterdammers.Beeld Eva Plevier

Het verkeer is steeds onveiliger, vinden veel Amsterdammers. De Stadhouderskade, ter hoogte van het Rijksmuseum, voelt als een van de gevaarlijkste punten van de stad aan.

Marc Kruyswijk

Het is eigenlijk een klein wonder dat er deze ochtend niemand gewond raakt op de Stadhouderskade. Spreeuwengedrag is het: verkeersdeelnemers flitsen langs elkaar, dichtbij, zonder enige samenhang of wetmatigheid. Geen fietser raakt een voetganger, geen automobilist een scooterrijder. Van verderaf zijn het zwermen, organismen die zich groepsgewijs verplaatsen, van verkeerslicht naar verkeerslicht.

Het zou zomaar fout kunnen gaan. Neem de man op de dikke-bandenfiets. Zeker dertig kilometer per uur fietst hij, als hij vanuit de richting van het Vondelpark over de Stadhouderskade komt aanrijden. Ter hoogte van de onderdoorgang van het Rijksmuseum hoopt het verkeer op.

Fietsers, snorfietsers en her en der een illegale elektrische step wachten voor het stoplicht, voordat ze verder kunnen rijden naar het centrum. De man aarzelt niet, heeft zijn vingers niet eens aan de handremmen. Soepel manoeuvreert hij tussen de wachtenden door.

Notoir ingewikkeld

Dat het vrijwel altijd goed afloopt op dit notoir ingewikkelde kruispunt, wil niet zeggen dat het een prettig punt is om te moeten passeren. Veertiger Alexander de Vries, geboren Belg, getogen Amsterdammer, komt hier bijna dagelijks langs. “Het voelt onveilig. Je weet: als ik onder het Rijksmuseum door ben, begint de hectiek en het gedrang.”

De Vries is niet bang. Hij doet voorzichtig, zegt hij. “Anderen zijn zo ongeduldig. Mensen hebben haast en vinden dat een ander maar even moet wachten omdat zij erdoor moeten. Dat is wel een beetje ergerlijk. Maar als ik heel eerlijk ben, dwing ik het ook weleens af. Dan probeer je een groen licht te halen en moet ander verkeer maar even wachten.”

Gevaarlijke plekken in Amsterdam

Dit punt van de Stadhouderskade is één grote samenhoping van felrode stippen op de kaart die de gemeente heeft samengesteld. Hoe meer rood, hoe meer de 3000 deelnemers aan het onderzoek het een onveilig punt vinden. Andere gevaarlijke plekken in de stad: Rozengracht, Linnaeusstraat en Middenweg, en ook de Osdorperweg en het Meester Visserplein.

Opvallende uitkomst in het onderzoek: twee derde van alle verkeersdeelnemers vindt het Amsterdamse verkeer onveilig. Maar liefst 82 procent wijt dat gevoel van onveiligheid aan andere mensen. Vrouwen voelen zich onveiliger dan mannen, ouderen maken zich meer zorgen dan jongeren.

Te hard en door rood

Hier bij het Rijksmuseum komen zo’n beetje alle klachten samen. Er wordt te hard gereden, door fietsers en scooters, maar zelfs door automobilisten. Heel veel mensen, ook automobilisten, hebben een telefoon in hun hand. Voorrang verlenen bij een zebrapad of bij het afslaan, is een zeldzaamheid. Richting aangeven, rijden en even stoppen waar het niet mag: schering en inslag.

Vraag het de pubers die met zijn drieën naast elkaar fietsen op de Museumbrug. Scooterrijders letten niet op, zegt er eentje. “Die willen overal maar snel langs.” Een van zijn vrienden is het daarmee eens. “Hoewel, wij zijn hier nu gestopt om je vragen te beantwoorden, anders waren we zelf waarschijnlijk ook door rood gefietst.”

Fietsers doen maar wat

Voor automobilisten is het een absoluut drama, zegt een taxichauffeur die een klant laat uitstappen op de Weteringschans. “Niemand let op. Fietsers doen maar wat en toeristen hebben al helemaal geen idee. Ik rij hier stapvoets, want als ik ongelukken maak, krijg ik als automobilist automatisch de schuld.” En het feit dat hij zelf stilstaat op een heel onhandige plek? “Ik moet toch de klant er even uitlaten.”

Hier zouden ze standaard een handhaver moeten neerzetten, zegt Frederiek Nielsen. De 77-jarige is afgestapt om de Stadhouderskade over te steken. “Ik loop even, over het zebrapad. Dat is me net wat veiliger. Meestal fiets ik een stukje om om dit punt te vermijden. Enkele boa’s zouden volgens mij hier wonderen kunnen doen.”