PlusGeschiedenis

Wat kwam de katholieke Italiaanse kroonprins in het ketterse Holland zoeken?

Maria de Medici als Berecynthia, op een door haar zoon Lodewijk XIII bestuurde wagen, wordt door de Amsterdamse maagd begroet.  Beeld Stadsarchief
Maria de Medici als Berecynthia, op een door haar zoon Lodewijk XIII bestuurde wagen, wordt door de Amsterdamse maagd begroet.Beeld Stadsarchief

Maria de’ Medici werd op 4 september 1638 vorstelijk binnengehaald in Amsterdam. Hoe anders was de ontvangst voor Cosimo de’ Medici, dertig jaar later. Luuc Kooijmans probeert in Cosimo aan de Keizersgracht te achterhalen wat de katholieke Italiaanse kroonprins in het ketterse Holland kwam zoeken.

Peter de Brock

Maria de’ Medici arriveerde in Amsterdam via de Spaarndammerdijk. Bij de Haarlemmerpoort werd de koningin-moeder van Frankrijk, namens het stads­bestuur van Amsterdam welkom geheten door oud-burgemeester Andries Bicker. Daarna trok de stoet achter de schutterij aan naar de Dam, waar een erepoort was opgesteld met een tableau vivant: een stilstaand toneeltje dat haar in 1600 gesloten huwelijk met de in 1610 door een godsdienstwaanzinnige vermoordde Franse koning Hendrik IV uitbeeldde. De volgende dag wachtte een rondleiding door de stad en in het Oost-Indisch Huis een Indische rijsttafel.

Maria de’ Medici had als regentes toenadering gezocht tot de Habsburgers, die in Madrid, Wenen en Brussel zetelden. Maar haar lot kantelde na de troonsbestijging van Lodewijk XIII, haar oudste zoon. Ze verloor de machtsstrijd van zijn eerste minister, kardinaal Richelieu, waarna ze werd verbannen.

Wat bezielde Amsterdam om een vorstin zonder koninkrijk zo groots te onthalen?

Het bezoek werd gezien als een erkenning voor de jonge republiek. Maar op de achtergrond speelde meer. Stadhouder Frederik-Hendrik hoopte de hoge gast over te halen een huwelijk te arrangeren tussen haar Engelse kleindochter Mary en zijn zoon Willem. Maar het bezoek lag gevoelig omdat het geen obstakel mocht vormen voor een met Frankrijk gesloten verdrag. De stadhouder had haar daarom sober ontvangen. Amsterdam daarentegen trok alles uit de kast voor een groots onthaal. De stad vreesde de concurrentie van Antwerpen, bij een dankzij de Fransen afgedwongen vrede.

Dertig jaar later, op het hoogtepunt van de Gouden Eeuw, ondernam een andere bekende telg van het geslacht De’ Medici tot tweemaal toe een reis naar Amsterdam. Die bezoeken van de Italiaanse kroonprins Cosimo de’ Medici roepen volgens historicus Luuc Kooijmans vragen op: “Wat kwam een door en door katholieke prins doen in het ketterse Nederland? Waarom kwam hij telkens zonder zijn beminde, Marguerite d’ Orléans, het nichtje van de Zonnekoning? En waarom werd een belangrijke ontmoeting volkomen verzwegen?’

Onbekende medereiziger

In Cosimo aan de Keizersgracht gaat Kooijmans op zoek naar de antwoorden. Daarvoor past hij een literaire truc toe, met het opvoeren van een reisdagboek van een onbekende medereiziger. Een jongeman met een Nederlandse vader, die direct in de tweede zin verduidelijkt dat hij deze keer ‘voor de verandering’ niet hoeft bij te dragen aan het officiële reisverslag, ofwel vrij is in zijn woordkeuze. Het idee voor de reis naar het ‘ketterse landje’ blijkt afkomstig van groothertog Ferdinando, de vader van Cosimo, die gelooft in het opdoen van ervaringen in het buitenland en bovendien al op leeftijd is. Dat laatste is volgens de dagboekschrijver opmerkelijk: ‘De Medici leven doorgaans niet al te lang.’

Portret van Cosimo III de' Medici (1642–1723)  rond 1700 vervaardigd door Jan Frans van Douven. Beeld National Museum Warsaw
Portret van Cosimo III de' Medici (1642–1723) rond 1700 vervaardigd door Jan Frans van Douven.Beeld National Museum Warsaw

Eenmaal in Amsterdam vergapen de Italianen zich aan de ijspret op de bevroren grachten: ‘Het kraakt nu en dan onheilspellend en er komen scheuren in, maar niemand trekt zich daar iets van aan, dus het zal wel verantwoord zijn.’

Cosimo geeft er de voorkeur aan zonder gevolg over straat te gaan. Aan Pieter Blaeu, zoon van de beroemde kaartenmaker, de taak hem te ­begeleiden en te introduceren bij beroemde stadsgenoten. Er volgen huisbezoeken aan Michiel de Ruyter ‘een kloeke robuuste man van een jaar of zestig, met een verweerde rode kop, die mooi contrasteerde met de stijve witte kraag die hij boven zijn zwarte kleding droeg’ en de ‘geniale preparateur’ Frederik Ruysch. Ook de ateliers van schilders Willem van de Velde en de ‘beroemde’ Rembrandt worden met bezoeken vereerd.

Met een oog op het vreemde eten bedanken de Italianen vriendelijk voor het banket waarmee de stadsbestuurders hun hoge gast willen eren. Als alternatief bieden de burgemeesters een voorstelling aan in de Schouwburg. De stoet naar de Keizersgracht trekt veel bekijks, maar tot verbazing van de gasten is het theater leeg. ‘Het was misschien ook wel irritant geweest, een zaal vol bezoekers die meer voor hem dan voor de voorstelling waren gekomen. Maar wij hadden ons stilletjes verheugd op een middagje gluren naar mooie dames.’ Ze moeten het doen met een toegift van Joost van den Vondel.

Markante personen

Ook de Italiaanse kwakzalver Francesco Giuseppe Borri en sekteleider Antoinette Bourignon (zie kader) duiken op. Luuc Kooijmans is dan ook een kenner van de jonge republiek, zo bewees hij eerder met een studie over Ruysch, een boek over Jan Swammerdam en de biografie van Herman Boerhaave. Markante historische personen, die ook nu hun opwachting maken.

Ondanks alle kennis, geloofskwesties, wetenschappelijke vraagstukken en fraaie stadsbeschrijvingen wringt het boek. Anders dan de titel doet vermoeden, gaat het niet over Cosimo in Amsterdam. Het reisdagboek schetst slechts zijdelings een portret van de Italiaanse kroonprins, met al diens perikelen thuis met een ­ongewillige echtgenote. De onbekende medereiziger is vooral druk met een speurtocht naar zijn Hollandse vader en de gevolgen van een bij een bezoek aan Swammerdam ontvreemd manuscript. Een gekozen perspectief dat de schrijver vooral een raamwerk biedt voor het etaleren van zijn kennis.

Luuc Kooijmans: Cosimo aan de keizersgracht. ­Prometheus, €24,99.

Antoinette Bourignon

De in Lille geboren Antoinette Bourignon de la Porte (1616-1680) predikte dat ze door God was uitverkoren om het ware christendom op aarde te herstellen. Een van haar aanhangers was medicus Jan Swammerdam, die een tijdje de wetenschap vaarwel zei om een groot aantal van haar boeken te vertalen. Bourignon had meer gefortuneerde mannelijke volgers. Van een van hen kreeg ze een deel van een Deens Waddeneiland om het einde der tijden af te wachten. Ze is er nooit geraakt. Een ander schonk haar een drukpers, voor verspreiding van haar gedachtegoed.

Meer over