Vier jaar cel geëist tegen ‘ondergronds bankier’ Bakshish S.

Justitie eist 4 jaar cel voor ‘ondergronds bankier’ Bakshish S. (57) uit Abcoude. Voor Amsterdammer Ravinder S. (47) wordt 2,5 jaar cel geëist, waarvan een half jaar voorwaardelijk, voor deelname aan een criminele organisatie met witwassen van misdaadgeld als doel.

Paul Vugts
Ondergrondse bankiers zijn een essentiële schakel in de internationale criminele handel. Beeld Gijs Kast
Ondergrondse bankiers zijn een essentiële schakel in de internationale criminele handel.Beeld Gijs Kast

De geboren Indiër Bakshish S. wordt al meer dan tien jaar gezien als witwasser via ondergronds bankieren. In hun huidige zaak kregen de Fiod en de landelijke recherche de verdachten in beeld vanwege verschillende verdachte geldtransacties in 2019 en 2020.

Zo werd in Zeist 260.000 euro overhandigd en in Eindhoven zat 75.000 euro in een plastic tasje, terwijl de mannen geen vergunning hebben van de Nederlandsche Bank om te bankieren. De twee werden eind februari 2020 aangehouden. Ze communiceerden via afgeschermde telefoons en gebruikten geldkoeriers.

Volgens justitie leidde Bakshish S. de criminele organisatie, Ravinder S. zou voor hem koerieren. De officier van justitie zei in het requisitoir dat Bakshish S. als ondergronds bankier de maatschappij ‘ondermijnde’ en anderen aanzette tot het plegen van misdrijven ‘waarmee hij er mede voor verantwoordelijk kan worden gehouden dat deze handel in geld in de kringen van de verdachte als een geaccepteerde vorm van handel werd’.

Verborgen kluis

Ondergrondse bankiers zijn een ‘essentiële schakel’ in de ‘internationale criminele handel’, aldus de officier van justitie. “De verdachten hebben lange tijd onbespied en ongecontroleerd een bijdrage kunnen leveren aan het rondpompen van crimineel geld. Zonder betaling zijn er geen goederen zoals bijvoorbeeld drugs. Ze spelen een cruciale rol, kortom.”

Justitie noemt ‘het aanpakken van facilitators’ even belangrijk als het aanpakken van criminelen die de witwassers gebruiken om hun misdaadwinsten weg te sluizen.

In Bakshish S.’ vrijstaande huis in Abcoude was in de zomer van 2011 al eens een inval gedaan. In een kledingkast waar de ‘geldhond’ steeds aansloeg, bleek achter een valse achterwand een kluis verborgen. Daar lag in tassen 1.052.890 euro in verschillende coupures. ­Elders in het huis lagen 3.700 euro, 2.200 Britse ponden en 140 Zwitserse franken en stonden twee geldtelmachines.

Geen digitale sporen

S.’ pizzeria in Amsterdam was volgens justitie een dekmantel zijn voor zijn rol als onderwereldbankier, die het geld via het zogenoemde hawalabankieren wegsluist. Hawala is een eeuwenoud, op zichzelf legaal, systeem dat gebaseerd is op vertrouwen en dat geen papieren of digitale sporen nalaat. Juist omdat het in veel Aziatische landen nog altijd legaal in gebruik is, gebruiken criminelen het geldsysteem om niet op te vallen.

Bakshish S.’ advocaat Patrick Rombouts noemde het in Het Parool eerder ‘absurd’ dat justitie zijn cliënt ‘een grote vis’ noemt. “Hij is langdurig afgeluisterd en geobserveerd en dan komen ze met een beschuldiging over welgeteld twee oude geldtransporten,” zegt Rombouts. “In het eerste geval was hij totaal niet in beeld. Een familielid had in januari 2019 een tas met 260.000 euro, maar mijn cliënt had met hem in die hele periode geen contact.”

Rombouts: “In de tweede zaak is in maart 2019 die 75.000 euro aangetroffen bij een echtpaar dat in de confectie zit. Die mensen konden precies aantonen dat het geld legaal was, zijn meteen vrijgelaten en hebben hun geld teruggekregen. Dát staat niet in het ­dossier.”

S. is gewoon een belegger, zegt Rombouts. “Hij had een forse overwaarde op zijn huis, had in Amsterdam een pizzeria en een café en heeft vastgoed met winst verkocht.”

De rechtbank doet uitspraak op 28 juli.

Meer over