Nieuws

Verschraling Amsterdams ov lijkt onontkoombaar: ‘Reizigers worden hier de dupe van’

Vervoerregio Amsterdam en het Rijk zijn niet tot een financieel akkoord gekomen om alle bussen, trams en metro’s volgend jaar gewoon door te laten rijden. Verschraling van het ov-netwerk in Amsterdam lijkt niet meer af te wenden.

David Hielkema
null Beeld ANP
Beeld ANP

Het Rijk en de vervoerregio’s zijn vooralsnog niet tot een akkoord gekomen om verschraling van het openbaar vervoer te voorkomen. De Vervoerregio Amsterdam zat hiervoor aan tafel met de provincies en de Metropoolregio Rotterdam-Den Haag. Samen wilden zij 500 miljoen euro als vangnet om het openbaar vervoer door te laten rijden zoals dat nu gebeurt, terwijl staatssecretaris Vivianne Heijnen (Infrastructuur) 150 miljoen euro met aanvullende maatregelen beschikbaar stelt.

De decentrale overheden laten weten dat ze in ‘financieel en maatschappelijk opzicht’ geen perspectief zien om het aanbod van Heijnen te accepteren. Ov-bedrijven zouden hun personeel met dit aanbod geen zekerheid kunnen bieden, wat lastig is op een toch al krappe arbeidsmarkt. Het kabinet zou daarnaast niet garant willen staan als de reizigersopbrengsten zwaarder tegenvallen dan waar de vervoerregio’s nu van uit gaan.

Heijnen noemt het ‘opmerkelijk’ dat de decentrale overheden niet akkoord gaan met haar aanbod. Volgens de staatssecretaris willen de decentrale overheden het geld gebruiken om te ‘investeren in dienstregelingen’. Ook heeft ze een gezamenlijke garantstelling voor de vervoerders voorgesteld van maximaal 220 miljoen euro, waarbij 150 miljoen euro door het Rijk zou worden ingelegd. Heijnen: “Een grofmazige afschaling van het ov zou daarmee volgend jaar van de baan zijn. Het voorstel van de decentrale overheden is veel duurder en onrealistisch.”

‘Duit in het zakje’

Wethouder Melanie van der Horst (Verkeer), tevens voorzitter van de Vervoerregio Amsterdam, zegt dat het aanbod te weinig perspectief biedt. “Er lag een goed pakket aan maatregelen op tafel waarmee we een goede dienstregeling konden aanbieden en een bijdrage konden leveren aan maatschappelijke uitdagingen als stikstof, duurzaamheid en woningbouw; juist in de Amsterdamse regio van groot belang. De reizigers in de Vervoerregio worden hier de dupe van.”

De wethouder vraagt nu aan Heijnen om ‘alsnog’ met een beter voorstel te komen. Het is alleen de vraag hoeveel tijd er nog is. Vervoerders maken doorgaans begin juli de dienstregeling voor het jaar erop. Hoe langer het voor hen onduidelijk is hoeveel geld ze krijgen, hoe moeilijker het wordt om alles rond te krijgen.

Enige hoop om de verschraling vanuit Amsterdam tegen te gaan is er wel. Vervoerregio Amsterdam liet vorige week weten zelf 36,2 miljoen euro beschikbaar te kunnen stellen. Dat is iets meer dan de helft van het geld dat nodig is. Het bedrag komt onder andere uit het coronaherstelbudget en niet uitgekeerde bonussen aan vervoerders. Volgens Van der Horst moest de regio ook een ‘duit in het zakje’ doen om gezamenlijk iets te bereiken. Daarbij wordt ook gekeken of vervoerders als GVB en Connexxion kunnen bijspringen.

Nieuwe dienstregeling

De afgelopen jaren hadden de vervoersbedrijven, waaronder het GVB, veel lagere inkomsten door de coronacrisis. En die inkomsten vallen nog steeds tegen, omdat er bijvoorbeeld minder toeristen zijn dan vóór de crisis. Eerder kreeg het ov een vergoeding om deze klap op te vangen, maar die wilde het Rijk niet op dezelfde manier doorzetten.

Dit alles kan ertoe leiden dat het openbaar vervoer er volgend jaar anders uit komt te zien. Van der Horst zei eerder dat het goed mogelijk is dat er ’s avonds geen metro’s meer rijden, dat er minder bussen gaan naar de randen van de stad en dat er tramlijnen geschrapt moeten worden. Een bijkomend gevolg is dat er ook woonprojecten in gevaar komen: Amsterdam bouwt namelijk alleen als er een goed ov-netwerk ligt.

Begin september moet meer duidelijk worden over de nieuwe dienstregeling.