Nieuws

Tegenstanders vinden criteria voor plannen windmolens bij Amsterdam nog veel te vaag

Opnieuw protesteerden tientallen insprekers dinsdagavond tegen de windmolenplannen van het stadsbestuur. Wethouder Marieke van Doorninck (Duurzaamheid) heeft vorig jaar extra tijd ingelast om met de tegenstanders in gesprek te gaan. Die zijn allerminst gerustgesteld.

Bart van Zoelen
Een eerder protest van Windalarm op het Museumplein. Beeld Jean-Pierre Jans
Een eerder protest van Windalarm op het Museumplein.Beeld Jean-Pierre Jans

In totaal hadden zeventig insprekers zich opgegeven om bij de gemeenteraad hun beklag te doen. Hun actiegroep Windalarm wil dat de raad meer mogelijkheden krijgt om de bouw van windmolens bij te sturen.

Volgens Joost de Groot van de actiegroep heeft Van Doorninck dat ook beloofd aan de gemeenteraad toen zij vorig jaar de tegenstanders tegemoetkwam met een ‘reflectiefase’, nadat langs de stadsrand gebieden waren aangewezen waar eventueel windmolens mogen komen.

Na uitvoerige gesprekken met de tegenstanders zou de gemeente een ‘afwegingskader’ opstellen waarmee plannen voor windmolens beoordeeld kunnen worden. Maar volgens Windalarm worden alleen wat signalen uit de stad op een rij gezet.

Te veel de vrije hand

Gevolg zou zijn dat de initiatiefnemers van windmolens te veel de vrije hand krijgen. Windalarm wijst er bijvoorbeeld op dat er vooralsnog geen initiatiefnemers zijn voor windmolens in de haven, terwijl er al wel concrete plannen zijn voor drie tot vijf windturbines bij de Noorder IJplas en bedrijventerrein Cornelis Douwes in Noord. En dat terwijl de overlast in de haven veel kleiner zou zijn.

Volgens Windalarm kan de gemeente dit ondervangen door een zogeheten Plan-MER op te stellen voor alle zoekgebieden samen. Ook in de plannen van het stadsbestuur is het wel degelijk de bedoeling om de milieu-effecten te onderzoeken, maar dan per windpark, waardoor die pas helemaal aan het eind tegen het licht worden gehouden. Volgens de tegenstanders zou dat nu al moeten gebeuren.

Ook vier natuurorganisaties pleitten voor een Plan-MER. Dan worden de verschillende gebieden waar windmolens mogelijk zijn tegen elkaar afgewogen, legde Martijn de Jong van Natuurmonumenten uit. “Anders wordt het: wie het eerst komt, wie het eerst maalt.” De natuurorganisaties zijn bezorgd dat de windturbines dan in het IJmeer of het groen van Waterland terechtkomen, in plaats van in de haven.

Later deze maand moet blijken of de gemeenteraad gevoelig is voor de kritiek van de tegenstanders van de windmolenplannen. Vorig jaar kregen ze alleen steun van oppositiepartijen.

Teleurgesteld

Amsterdam wil zo’n 17 nieuwe windmolens bouwen langs de stadsrand. Tegenstanders beklaagden zich eerder al tijdens vier urenlange inspraakbijeenkomsten in de gemeenteraad. Zij betwisten ook nut en noodzaak van de windmolens, die wat hen betreft beter af zijn op de Noordzee. Verder hebben ze zorgen over mogelijke gezondheidsschade. Op dat punt zijn de tegenstanders ook teleurgesteld omdat in het driemanschap dat zich daarover voor de gemeente buigt één afgevaardigde zit van de tegenstanders met daarnaast iemand van de GGD en een wetenschapper die werkt voor RIVM, die door Windalarm worden beschouwd als voorstanders.

“Inmiddels is duidelijk dat het stadsbestuur helemaal geen behoefte heeft aan reflectie, maar gewoon zijn zin wil doordrijven,” zei inspreker Sander Komijn.

Meer over