PlusStadsplagen

Tegen de bedwants is de mens kansloos, en dat maakt het zo ondraaglijk

De bedwants is een wereldreiziger. Beeld Eva van Brummelen
De bedwants is een wereldreiziger.Beeld Eva van Brummelen

Het kruipt, vliegt, prikt, bijt, of is gewoon goor. Welke beestjes teisteren Amsterdammers elk jaar weer, en welke nieuwkomers zijn er? Een serie over zeven stadsplagen. Vandaag: de bedwants, de backpacker onder het ongedierte.

Hans van der Beek

De bedwants. Veel ranziger bestaat niet.

“Een onaangenaam beest, moet ik zeggen,” zegt bioloog en schrijver Geert-Jan Roebers. “Voor de meeste beesten heb ik nog wel een warm plekje in mijn hart, maar bij de bedwants is dat toch lastig.”

Met hun uiterlijk heeft dat nog niet eens zoveel te maken – 6 millimeter, rood, 6 pootjes – en zelfs niet met hun beet, hoewel die flinke jeuk veroorzaakt en een zwelling die een paar dagen aan kan houden. De weerzin komt vooral door de plek waar ze zich het liefst schuilhouden.

“In je eigen bed hoor je veilig te zijn,” zegt stadsbioloog Remco Daalder.

Prachtig slachtoffer

Bedwantsen kunnen overal zitten. In gordijnen, kleding, zelfs schoenen, maar het liefst houden ze zich schuil aan het hoofdeind van een matras. Dan is het een kwestie van wachten, niet lang, gewoon tot bedtijd. Hij vindt de mens door lichaamstemperatuur. Vliegen of springen kunnen ze niet, maar met die zes pootjes kunnen ze nog best snel lopen.

Daarna maakt het insect het zich gemakkelijk. Hij bijt op de plekken waar het lichaam de matras raakt, het liefst in dunne huid, zoals de buik, billen of benen. Daar zuigt hij zich vol met bloed, terwijl zijn gastheer nietsvermoedend ligt te slapen.

Daalder: “Eigenlijk is het een biotoop, de slaapkamer. Wij liggen daar tamelijk weerloos te wezen. Wij zijn een prachtig slachtoffer.”

Muggen zijn ook vervelend in de slaapkamer, maar die kun je horen, vaak zien, en je kunt je verdedigen met een klamboe of muggenstekker. Tegen de bedwants is de mens kansloos, en dat maakt het zo ondraaglijk.

“De bedwants kan echt stress veroorzaken,” zegt Bastiaan Meerburg, tot voor kort directeur bij Stichting Kennis- & Adviescentrum Dierplagen (KAD). “Je ligt in je bed in je eigen woning en er komt iemand ’s nachts langs om van jou te parasiteren. Mensen lopen van bedwantsen echt psychische schade op.”

Dat merkten ook de bewoners van een pand aan de Witte de Withstraat in West, die al drie jaar kampen met een bedwantsenplaag. Bestrijdingspogingen haalden tot nu toe niets uit, sommige huurders zijn inmiddels verhuisd.

Eigenlijk hartstikke slim

De bedwants is een wereldreiziger. Ze zitten vooral in hotelkamers, van hostels tot aan vijfsterrenhotels aan toe. Als ze eenmaal in het beddengoed zitten, gaan ze van kamer naar kamer en via het karretje van housekeeping naar de volgende verdieping. Een gast hoeft maar een tas of kledingstuk op het bed of op de grond te plaatsen en de bedwants heeft een volgend vervoermiddel.

Daalder: “Eigenlijk hartstikke slim van die beestjes om zich op die manier te verplaatsen. Een virus kan er wat van, maar dit soort beesten ook.”

Cijfers zijn er niet, dat geldt voor veel plaagdieren. Tellingen komen niet of nauwelijks voor. Er zijn wel meldingen, bij het KAD bijvoorbeeld, maar die zeggen niks over de totale hoeveelheid. Mensen zien vaak het nut van zo’n melding niet in. En zeker bij de bedwants. Dat heeft met schaamte te maken. Niemand zegt graag: ik heb bedwantsen thuis.

Maar vaststaat dat de overlast tijdens de covidmaatregelen fors afnam. Met de terugkeer van het vliegverkeer is ook de bedwants weer op pad gegaan. Het is de backpacker onder het ongedierte.

Meerburg: “We zien bedwantsen tot in vijfsterrenhotels in Amsterdam. Al wordt in het duurdere segment per direct actie ondernomen en een bestrijdingsbedrijf ingeschakeld. Je ziet bij goedkopere hotels vaker dat ze het even op zijn beloop laten. Dan verspreiden die bedwantsen zich door een heel hotel heen.”

Een loterij

Om toch nog iets aardig over het beest te zeggen: ze hebben een zeer uitzonderlijke voortplanting. Het mannetje kan op elke willekeurige plek bij het vrouwtje paren. Roebers: “Dat is echt fascinerend. Maar als je geprikt wordt, denk je daar niet aan, denk ik.”

Bestrijding is een erg dure grap en bovendien ingewikkeld (zie kader). De matras verbranden is nog het beste. “Je moet je hele matras volpompen met gif,” zegt Daalder, “maar ga jij daar dan nog liggen?”

Voorkomen is altijd het beste (zie ook kader). Kleding en beddengoed wassen na elke overnachting elders, maar pas ook op met tweedehandskleding en zelfs -meubilair. Meerburg: “Of denk aan Airbnb. Dan kun je als huiseigenaar een paar tientjes incasseren, maar als zo’n gast bedwantsen meeneemt, ben je duizenden euro’s kwijt. Je moet niet zomaar iedereen in je huis halen. Eigenlijk is het wel een beetje een loterij met die beesten.”

Wat te doen?

*Zet tijdens een overnachting elders geen bagage op de grond, en zeker niet onder het bed. Was kleding na thuiskomst op 60 graden of stop die 72 uur in de vriezer. Vergeet de schoenen niet. Stofzuig de koffers, gooi de stofzuigerzak onmiddellijk weg.

* Hoe goedkoper het hotel/hostel, hoe groter de kans op bedwantsen.

* Denk goed na voordat je jonge backpackers in huis haalt met Airbnb.

* Pas ook op het tweedehandskleding of -meubilair.

* De bestrijding van bedwantsen is complex. Het hele bed moet uit elkaar, zelfs de stopcontacten moeten van de muur. Een professioneel bedrijf is beter, maar behoorlijk prijzig.

* Zoek vooral een gerenommeerd bedrijf, via de site van brancheverenigingen of exameninstituten als CPMV of EVM. Dat kost wel al snel 1000 tot 2000 euro.

* Kies niet meteen de bovenste bij Google. “Dat zijn vaak de charlatans die veel geld vragen,” zegt Bastiaan Meerburg, tot voor kort directeur bij Stichting Kennis- & Adviescentrum Dierplagen (KAD). “We hebben verhalen gehoord van ouderen die bedragen van 15.000 tot 20.000 euro hebben betaald. Terwijl er geen bedwants was vastgesteld.”

Vliegen of springen kunnen ze niet, maar met die zes pootjes kunnen bedwantsen nog best snel lopen. Beeld Eva van Brummelen
Vliegen of springen kunnen ze niet, maar met die zes pootjes kunnen bedwantsen nog best snel lopen.Beeld Eva van Brummelen