PlusAchtergrond

Studentenvereniging mudvol na de lockdowns? Begin er zelf eentje

Een recordaantal studenten poogde dit jaar een plek te krijgen bij een studentenvereniging. Het gevolg: er zijn meer aspiranten dan ooit uitgeloot. Sommigen zijn nu voor zichzelf begonnen.

Een van de nieuwe 'verenigingen' in Amsterdam tijdens een etentje.  Beeld Dingena Mol
Een van de nieuwe 'verenigingen' in Amsterdam tijdens een etentje.Beeld Dingena Mol

Ze zoeken ‘leuke nieuwe mensen’ die in zijn om ‘met z’n ­allen te borrelen, dineren, ­varen, feesten etc.’ Wie wil kan ‘wat info over zichzelf en een foto’ mailen naar de twee Amsterdamse huisgenoten Eva en Djoeke om kans te maken op een plek bij hun eigen officieuze ‘vereniging’.

Het liefst hadden de studenten deze oproep niet op Facebook geplaatst. “Ik ben uitgeloot bij studentenvereniging L.A.N.X. en bij Nereus,” zegt Djoeke ’t Hart (18), die dit jaar is begonnen aan haar hbo-opleiding in Amsterdam. “Dat vind ik jammer. Bij Nereus had ik ook al een paar borrels gehad en dat vond ik gezellig. Dus toen ik uitgeloot werd, was ik een beetje teleurgesteld. Amsterdam is een grote, gezellige stad waar ook veel groepjes zijn. Ik kom uit Zeist en heb niet veel vrienden die naar Amsterdam zijn gegaan. Om nieuwe vrienden te maken en om de gezelligheid wilde ik bij een studentenvereniging. Maar ja, helaas.”

Recordaantal

’t Hart is niet de enige die ongewild niet bij een studentenvereniging zit. Studentenverenigingen kregen dit jaar een recordaantal aanmeldingen. Vorig jaar – ook in coronatijd ­­– steeg het aantal aanmeldingen bij de 48 verenigingen die zijn aangesloten bij de Landelijke Kamer van Verenigingen (LKvV) al van zo’n 10.000 in 2019 naar 16.300 in 2020. Dit jaar meldden zich 18.600 aspirant-leden en lang niet elke vereniging heeft plek.

“We hebben een ledenstop vanaf 150,” zegt ­Fabian van Hall, penningmeester bij de Amsterdamse SSRA. “Normaal schrijven zich jaarlijks zo’n 70 tot 80 studenten in. Dit jaar waren dat er 400. Dat is ongekend. Ons pand heeft maar een beperkte capaciteit en je wilt niet ineens honderden eerstejaars in je vereniging. Wie het eerst komt, het eerst maalt.”

Gezelligheid en netwerk

Bij Unitas werden er dit jaar middels een loting 160 studenten aangenomen. 469 studenten die uitkeken naar hun eerste verenigingsjaar zijn uitgeloot.

Bij L.A.N.X. werden ze ‘overdonderd’ door de hoeveelheid aanmeldingen. “We hebben 280 mensen aangenomen en zeker het drievoudige van dat aantal heeft zich aangemeld,” zegt Daan Vellema van de vereniging.

De explosief gestegen interesse in studentenverenigingen is volgens Eize Atzema, voorzitter van LKvV, een reactie op de afstandsmaatschappij. “Studenten leren via een studentenvereniging nieuwe mensen kennen. Ze willen gezelligheid en een netwerk voor later opbouwen. Dat doe je graag in je studententijd en dat gaat lastiger als veel ontmoetingen online plaats moeten vinden.”

Zelf iets organiseren

Maar wie is uitgeloot bij de bestaande verenigingen hoeft niet langs de lijn te blijven staan. Bijna honderd mensen meldden zich aan voor de ‘jaarclub’ van Djoeke ’t Hart. “We dachten: er zijn zoveel mensen uitgeloot die nu dan misschien geen nieuwe mensen leren kennen, laten we zelf iets organiseren. We hebben uiteindelijk zeventien mensen uitgenodigd. Tijdens de eerste borrel klikte het meteen. Iedereen nam een eigen fles wijn mee en wat te eten. We hebben een levendige groepsapp en gaan nu elke week iets organiseren. Dat zullen zeker borrels zijn, maar we hebben ook plannen voor festivals en denken na over meer. Het is fijn om een eigen vriendengroep te hebben.”

Vreemden van elkaar

Bij de Amsterdamse Kamer van Verenigingen (AKVV) zien ze dat studenten enthousiast blijven voor het verenigingsleven ondanks de vele afwijzingen van dit jaar. “Het is goed om te zien dat studenten die uitgeloot zijn alsnog ergens terechtkunnen of zelf iets oprichten voor het ­sociale contact,” zegt voorzitter Jikke Piqeur. Een bedreiging voor de bestaande verenigingen vindt ze het niet. “Als deze trend van eigen clubjes zich voortzet, dan zie ik dat als een alternatieve manier voor studenten om een sociaal netwerk op te bouwen in de stad.”

Het creëert overigens ook mogelijkheden, al die nieuwe officieuze studentengroepen. “Ik heb altijd al bij een studentenvereniging willen zitten,” zegt Luna Begnor (19). “Ondanks de horrorverhalen over ontgroeningen lijkt het me een goede plek om te netwerken en mensen te leren kennen. Maar omdat ik op het mbo zit, kon dat niet. Toen ik een oproep zag van anderen die waren uitgeloot, heb ik me aangemeld.”

Oproep op Facebook

Begnor, die in haar laatste jaar international business management zit op het ROC van Amsterdam heeft zich aangemeld na het zien van een oproep op Facebook. Ze ontmoette afgelopen week de twaalf vrouwen van haar club, die nog geen naam heeft, voor het eerst.

“Het pakte heel goed uit. We waren twee ­weken geleden nog vreemden van elkaar en nu is er een vriendengroep ontstaan. Vanavond gaan we met z’n allen bij elkaar eten en dan de stad in.”

Begnor hoopt dat er in de toekomst ook in Amsterdam meer plekken komen waar mbo’ers welkom zijn. “Die willen ook een plek hebben. Het sociale aspect van verenigingen is het belangrijkste en daar hebben niet alleen hbo’ers en wo’ers behoefte aan.”