PlusAchtergrond

Scholen staan niet te juichen bij besluit kabinet: ‘het is geen kwestie van even openen of sluiten’

Het primair en voortgezet onderwijs mogen na de kerstvakantie weer open, toch staat het onderwijsveld niet direct te juichen. Het ‘knipperlichtbeleid’ wordt gehekeld en er zijn zorgen om studenten, die wel online onderwijs moeten volgen.

Raounak Khaddari
Demissionair onderwijsminister Arie Slob kondigde maandagmiddag aan dat de basis- en middelbare scholen na de kerstvakantie weer opengaan.  Beeld robin utrecht/anp
Demissionair onderwijsminister Arie Slob kondigde maandagmiddag aan dat de basis- en middelbare scholen na de kerstvakantie weer opengaan.Beeld robin utrecht/anp

Amsterdamse scholen stonden in november al op ‘standje overleven’. De al krappe bezetting door het lerarentekort maakte dat er geen speling was als leerkrachten uitvielen. Maanden liepen onderwijzers op hun tandvlees om ervoor te zorgen dat zoveel mogelijk lessen door konden gaan en het was elke dag weer, soms zelfs meerdere keren op een dag, opnieuw een uitdaging om de bezettingspuzzel rond te krijgen.

Mbo, hogescholen en universiteiten online

Uitgerekend nu, in de kerstvakantie, terwijl het onderwijspersoneel aan het bijkomen is van al het geregel en het continue schakelen door veranderende coronamaatregelen, neemt het kabinet een besluit: op 10 januari, na de vakantie, gaan de basisscholen en middelbare scholen weer open. Alleen op het mbo, hogescholen en universiteiten wordt dan online onderwijs gegeven vanwege een toename van het aantal besmettingen in deze leeftijdscategorie.

Hoewel ouders van basisschoolleerlingen en scholieren opgelucht ademhalen, klinken er in de onderwijswereld andere geluiden. “Iedereen in het onderwijs heeft deze twee weken vakantie heel hard nodig,” zegt Wilma Salzmann, voorzitter van vakbond CNV-schoolleiders. “Nu moeten er in de vakantie in het mbo en hbo alsnog allerlei dingen geregeld worden.”

‘Hete aardappel wordt doorgeschoven’

De werknemersorganisatie hekelt ook de wijze waarop het kabinet omgaat met onderwijsinstellingen. “Het gaat over ‘open’ of ‘dicht’ en daar blijft het bij. Terwijl een school sluiten nogal consequenties heeft. Als je besluit een school te sluiten, dan moeten de voorwaarden voor digitaal onderwijs goed zijn. Andersom ook: als je besluit een school te openen, dan moeten de omstandigheden voor werknemers en leerlingen ook geregeld worden. Denk aan ventilatie, maar ook aan hoe personeel zich veilig kan voelen om goed onderwijs te geven. Zorg dat leerkrachten gevaccineerd zijn bijvoorbeeld en geboosterd. Het moet veel verder gaan dan even een school sluiten of openen. Nu worden de hete aardappels doorgeschoven naar de mensen in het veld.”

Salzmann wil dat het kabinet stopt met het knipperlichtbeleid en met een plan voor de langere termijn komt voor het hele onderwijsveld, want niemand gedijt bij wat er nu gebeurt.

‘Trek lessen uit deze pandemie’

Joost van Caam, directeur-bestuurder van het Samenwerkingsverband Primair Onderwijs Amsterdam Diemen, dat gaat over passend onderwijs, vindt dat er lessen getrokken moeten worden uit eerdere schoolsluitingen. “Na de eerste lockdown gingen leerlingen voor ongeveer de helft van de week naar school en waren er daardoor kleinere groepen. We hebben gezien dat die manier van lesgeven een positief effect heeft op leerlingen,” zegt Van Caam. In die periode kreeg het samenwerkingsverband aanzienlijk minder verzoeken voor plaatsingen naar speciaal onderwijs. “Meer aandacht voor kinderen en kleinere groepen waardoor ook onderwijzers zich veilig voelen, is een model waar iedereen beter van wordt, hebben we gezien.”

Van Caam vindt net als Salzmann dat het ad hoc besluiten over scholen moet stoppen en er een werkbare structurele manier van werken moet komen. “We moeten lessen trekken uit deze pandemie.”

‘Zachte kant is een enorme uitdaging’

Voor studenten van het mbo, het hbo en universiteiten gaat zelfs werken in kleine groepen niet door. Zij moeten na de kerstvakantie weer achter hun laptop kruipen en onderwijs op afstand volgen. Dat baart Christien van Dinten, directeur van ROC TOP- Amsterdam grote zorgen. Net als bij de Universiteit van Amsterdam was het onderwijs op afstand snel geregeld. Zowel de universiteit als ROC TOP hielden rekening met dit scenario. “Maar dat is de harde kant,” zegt Van Dinten. “Die is niet zo moeilijk. De zachte kant, het plezier, de vreugde en de gezondheid van studenten, dat is een enorme uitdaging als ze niet naar school mogen komen.”

De impact van het sluiten van een onderwijsinstelling is volgens Van Dinten voor iedereen gelijk: “Je leert niet alleen uit boeken, je leert samen met je peers. En dat wordt deze studenten nu ontnomen.”

Meer over