Plus

Satellietpionier Hiber nu plots overnamevoer: vooropgezet plan of bittere noodzaak?

Het Amsterdamse satellietbedrijf Hiber had grootse en ideologische plannen, maar nu laat het bedrijf zich overnemen. Medewerkers vermoeden dat daar achter de schermen al veel langer op wordt aangestuurd, zonder dat dit aan hen en de buitenwereld werd verteld. Het bedrijf ontkent.

Herman Stil
Satellieten van het Amsterdamse Hiber Beeld Hiber
Satellieten van het Amsterdamse HiberBeeld Hiber

Het in 2015 opgerichte Hiber uit Amsterdam wilde met 48 eigen satellietjes, zo groot als een tweeliterpak melk, een aardbolomvattend netwerk opzetten. Miljoenen zendertjes konden zo onder meer oliebronnen op de Noordzee in de gaten houden, waterputten in Tanzania monitoren, wetenschappelijk onderzoek op de polen vereenvoudigen of bosbrandvoorkomende alarminstallaties aan elektriciteitsmasten in Californië faciliteren.

Een aantal medewerkers van Hiber verbaast zich echter over de slalom die het bedrijf de afgelopen maanden heeft gemaakt. “Er werd van de daken geroepen dat we de wereld aan het redden waren, terwijl het voor ons vrij snel duidelijk werd dat alle focus op olie, gas en mijnbouw ging. Zonder hierover duidelijk te communiceren naar medewerkers en buitenwereld.”

Het bedrijf veranderde namelijk in een paar maanden tijd van hemelbestormer met een netwerk van eigen mini-satellieten tot een dienstverlener aan de olie- en transportindustrie en nu: overnamevoer.

28 miljoen euro

Op basis van de oorspronkelijke plannen haalde Hiber maart vorig jaar 26 miljoen euro op, onder meer subsidiegeld bij de Nederlandse overheid en het EIC-innovatieagentschap van de EU. Even daarvoor had het bedrijf haar vierde, zelfgebouwde satelliet gelanceerd. Al snel daarna trok Hiber plots de stekker uit de eigen kunstmanen. De 28 miljoen euro die daarin was geïnvesteerd, werd afgeschreven. Hiber kondigde aan zich te concentreren op de diensten voor de olie-industrie en de transportsector.

Voor de benodigde satellietcommunicatie ging het bedrijf in zee met het Amerikaanse Inmarsat, de oudgediende in de satellietindustrie die Hiber juist had willen aanvallen. Medeoprichter Coen Jansen bevestigde begin dit jaar in deze krant dat al twee jaar aan de koerswijziging werd gewerkt .

Dit tot groot ongenoegen van een groot deel van de werknemers, zegt een aantal op basis van anonimiteit. “Eind 2019 werd tussen neus en lippen door gemeld dat we zelf diensten gingen ontwikkelen voor het monitoren van oliebronnen en er vacatures waren voor mensen met offshore-ervaring. Hier werd hard tegen geprotesteerd, zonder enig concreet resultaat.”

“Ik kreeg rond die tijd het gevoel dat een eigen satellietnetwerk al veel eerder was opgegeven door het management,” zegt een — inmiddels — oud-medewerker. “Ik denk dat ze het maar hebben laten doorrommelen in de hoop op een wonder. Of als marketingmiddel om zich te kunnen onderscheiden. Zelfs eind 2020 werden er nog nieuwe collega’s aangenomen met het idee dat ze bijen en ijsberen gingen redden.”

Op de website bleven volgens hen verheven plannen staan over duurzaamheid en sociale impact. “Op die basis kregen ze ook steeds weer geld, onder meer subsidie.”

Bijensterfte

“Pas op de dag dat onze producten voor de olie- en gasindustrie klaar waren en er klanten moesten worden binnengehaald, besloot het management de website meer representatief te maken en eerlijk te zijn over onze toepassingen,” aldus de oud-werknemer.

Zo verdween pas in januari van dit jaar het voorbeeld van de bedrijfswebsite waarin Hiber hoog opgaf van de mogelijkheden om bijenkorven in de gaten te houden en zo de torenhoge bijensterfte tegen te gaan. Terwijl al lang was gebleken dat daarvoor geen belangstelling was. “De imkers zeggen: ‘Het vervangen van dode bijen is goedkoper dan het volgen van de insecten,’” zei Jansen daar begin dit jaar over.

Op nieuwe koers, maar met 25 werknemers minder, was de toekomst van Hiber volgens hem verzekerd: ‘Onze droom blijft overeind’.

Maar inmiddels maakt het bedrijf een nieuwe draai. Eind mei werd bekend dat Hiber zich laat overnemen door het Zwitserse Astrocast, bouwer en uitbater van minikustmane. De Zwitsers hebben momenteel 12 nanosatellieten in een lage baan rond de aarde cirkelen en willen dat aantal volgend jaar naar 40 opvoeren, vergelijkbaar met de plannen die Hiber juist aan de kant heeft geschoven.

Volgens Jansen, bij Hiber verantwoordelijk voor de strategie, is geen sprake van een vooropgezet plan. “De focus op markten is nooit veranderd. De omslag ging van het puur leveren van connectiviteit naar eindoplossingen voor klanten, in samenspraak met alle aandeelhouders en investeerders.” Dat daar al langer aan werd gewerkt, is volgens hem ‘gebaseerd op de tijd die we nodig hadden om de door ons ontwikkelde diensten naar de markt te brengen’.

Focus

“We hebben meer dan 50 verschillende use-cases onder de loep genomen. Sommige met pilots bij klanten, sommige met demo-opstellingen om de technologie te testen. Omdat we niet 50 verschillende dingen kunnen doen, hebben we focus aangebracht. Olie, gas, transport en landbouw zijn altijd onze speerpunten geweest. Deze klanten boden mogelijkheden op grote schaal. Niet elke leuke use-case is ook rendabel.”

Ook de overname is volgens Jansen van de laatste tijd. “Er waren toentertijd geen gesprekken omtrent potentiële overnames. We hebben pas de afgelopen maanden met Astrocast gesproken over de acquisitie.”

Financiële details zijn daar niet over bekendgemaakt. De overname en de definitieve overnameprijs hangen af van een succesvolle beursgang die Astrocast begin april aankondigde. Het bedrijf overweegt dit jaar in Parijs 60 tot 80 miljoen euro op te halen om zijn satellietnetwerk uit te breiden. Opvallend genoeg steken de aandeelhouders van Hiber gezamenlijk 10,45 miljoen euro in die beursgang. “Als blijk van hun vertrouwen in deze combinatie,” aldus Jansen.

Na een succesvolle beursgang ontvangen de Hiberaandeelhouders 16,5 procent van de aandelen in het gezamenlijke bedrijf. Astrocast, dat al aan de beurs van Oslo staat genoteerd, is daar nu omgerekend 44 miljoen euro waard.

Meer over