Nieuws

Santokhi reist terug naar Suriname met koffer vol steun

De Surinaamse president Chan Santokhi sloot zijn overvolle werkbezoek aan Nederland zaterdag af in Amsterdam. Ook nu klonk de boodschap: help ons land op te bouwen.

Patrick Meershoek
De Surinaamse president Santokhi was bij een kranslegging in het Oosterpark bij het Slavernijmonument. Beeld Daphne Channa Horn
De Surinaamse president Santokhi was bij een kranslegging in het Oosterpark bij het Slavernijmonument.Beeld Daphne Channa Horn

“Ik heb heel veel haast,” vertelde Chan Santokhi zijn gehoor in de afgeladen zaal van de Vereniging Ons Suriname. Dat was de afgelopen week wel duidelijk geworden tijdens de duizelingwekkende tournee van de Surinaamse president langs de koning, de demissionair premier, drie burgemeesters en tal van potentiële partners. Santokhi stapt op het vliegtuig naar Paramaribo met een koffer vol steunbetuigingen en, belangrijker nog, afspraken met bijvoorbeeld luchthaven Schiphol en het AMC voor verregaande samenwerking.

Rand van de afgrond

Die hulp is hard nodig. Na de verkiezingen van 2020 werd Santokhi president van een prachtig land op de rand van de afgrond. Een torenhoge inflatie en een enorme schuldenlast beperken de mogelijkheden om, in de woorden van de president, van een ontwikkelingsland een ontwikkeld land te maken.

Santokhi vertelde in Amsterdam dat het IMF in de komende week een besluit neemt over een steunpakket van anderhalf miljard dollar. Daarmee kan een start worden gemaakt met de uitvoering van een ambitieuze agenda voor de komende jaren.

Exploitatie bodemschatten

Aan de Zeeburgerdijk schetste de president de plannen om de exploitatie van de bodemschatten van Suriname ter hand te nemen: bauxiet, goud, olie en gas. Die laatste twee wil Suriname samen met de buurlanden Guyana en Brazilië winnen, zodat er een economische zone kan ontstaan met hopelijk veel bedrijvigheid.

Santokhi: “De winning begint over drie jaar, maar we zijn nu al druk met de voorbereidingen. Alles draait om duurzaamheid, productie en werkgelegenheid. We werken naar een volgende generatie, niet naar de volgende verkiezingen.”

Een van de hindernissen is het gebrek aan kennis en kunde in eigen land. Met een half miljoen Surinamers in eigen land en een half miljoen in met name Nederland en de Verenigde Staten is de spoeling dun. De meeste deskundigheid zit ook nog eens in het buitenland, rekende Santokhi de zaal voor. “Van de beroepsbevolking in Suriname heeft 5 procent hbo of hoger. Onder de Surinamers in Nederland is dat 45 procent. We hebben die mensen echt nodig om onze strategische agenda te kunnen uitvoeren.”

Wetsvoorstel

Vandaar de oproep van de president aan de Surinamers in diaspora: kom ons helpen. Hij beloofde de Nederlandse Surinamers die op het vliegtuig stappen te zullen faciliteren. Er ligt al een wetsvoorstel klaar dat Surinaamse vakmensen met een Nederlands paspoort ook recht geeft op de Surinaamse nationaliteit die nodig is om daar aan de slag te kunnen. Tijdens de bijeenkomst in Ons Suriname werd ook het Diaspora Instituut Nederland ten doop gehouden, een organisatie die de samenwerking tussen Surinamers in beide landen gaat stimuleren.

Een ander probleem voor Santokhi, en niet minder ingewikkeld, is de etnische wrevel onder Surinamers in beide landen. In Creoolse kringen wordt met argwaan gekeken naar de Hindoestaanse machtsgreep. In een poging de plooien glad te strijken, bracht de president in de vroege ochtend een bezoek aan het Oosterpark om een krans te leggen bij het slavernijmonument. In zijn toespraak benadrukte Santokhi dat de koloniale geschiedenis van de Afro-Surinamers een erfenis is voor alle Surinamers. “Een verleden dat we nimmer mogen vergeten.”

Prioriteit

De president deed zijn best de zorg weg te nemen dat de dominante partij vooral goed voor de eigen mensen zal zorgen. Hij somde een reeks maatregelen en projecten op die met name de Afro-Surinamers in het binnenland ten goede zullen komen. Zonne-energie in de dorpen, de eerste middelbare scholen in de districten Para en Marowijne. Santokhi: “Paramaribo heeft de afgelopen honderd jaar veel te weinig gedaan voor het binnenland. Alle groepen en gebieden die op achterstand staan, zullen van ons prioriteit krijgen.”

Meer over