PlusNieuws

PvdA, GroenLinks en D66 houden elkaar stevig vast tijdens debat over nieuw college in Amsterdam

De nieuwe gemeenteraad ging donderdag in debat over het nieuwe college. De grootste partijen PvdA, GroenLinks en D66 houden elkaar stevig vast; de VVD is teleurgesteld dat de fractie opnieuw tot de oppositie lijkt te gaan behoren.

David Hielkema
De eerste vergadering van de gemeenteraad van Amsterdam na de verkiezingen.  Beeld ANP
De eerste vergadering van de gemeenteraad van Amsterdam na de verkiezingen.Beeld ANP

Donderdag werd de nieuwe gemeenteraad geïnstalleerd. Met veel nieuwe gezichten: 22 van de 45 raadsleden debuteren in de Amsterdamse politiek. Familie, partners en vrienden keken vanaf de zijkant mee en zagen hoe hun geliefden hun zetels innamen. De komende vier jaar verdedigen zij de democratie in de stad.

Bloemen werden ontvangen en felicitaties werden uitgedeeld, gevolgd door het zogenoemde duidingsdebat. Alle twaalf partijen reageerden op het eerste advies van verkenner Lodewijk Asscher over het nieuwe college. Zijn advies is dat PvdA, GroenLinks en D66 samen moeten kijken hoe ze tot een nieuw college kunnen komen.

Marjolein Moorman (PvdA) mocht als leider van de grootste partij als eerste het woord nemen. “Duidelijk is dat Amsterdam heeft gekozen voor een stadsbestuur met progressief linkse signatuur,” herhaalde ze de woorden die Asscher eerder in zijn rapport gebruikte. Moorman zei samen met GroenLinks en D66 te willen onderzoeken hoe ze zo’n stadsbestuur kunnen vormgeven.

Bredere coalitie

De drie partijen hebben 24 van de 45 zetels; een nipte meerderheid. Voor Claire Martens van de VVD reden om met vijf zetels aan te willen sluiten. Na vier jaar ‘kneiterlinks’ is de stad toe aan verbreding, vindt de partij. Politieke verbreding zodat meer mensen zich in de coalitie herkennen. “Juist in een periode waarin de politieke verschillen op straat onder een vergrootglas liggen, kan een bredere coalitie helpen om een groter draagvlak voor de politiek te krijgen.”

Over de gesprekken met Asscher was Martens positief, omdat volgens haar met name werd gekeken naar de overeenkomsten in plaats van de verschillen. Ze was dan ook verbaasd dat zo snel werd geconcludeerd dat de VVD niet nodig is als bestuurspartij. “Wij houden aan de collega’s van PvdA en D66 een uitgestoken hand.”

Maar Moorman week niet af van de door Asscher verkende lijn. Ze wees erop dat in de campagne de verschillen al duidelijk genoeg waren. Ook GroenLinks-lijsttrekker Rutger Groot Wassink was blij met de uitkomst van het verkenningsrapport, net zoals D66-lijsttrekker Reinier van Dantzig, die zei uit te zien naar de onderhandelingen.

Constructieve toon

Opvallend aan het debat was dat veelal de verbinding werd gezocht. Er werd gesproken over een nieuwe bestuurscultuur waar gezocht wordt naar constructieve oplossingen. Partijen die in stadsdelen groot zijn geworden, verdienen daar ook een prominentere rol in het bestuur. Lijsttrekker Sheher Khan van Denk vroeg dit bijvoorbeeld voor zijn partij in Nieuw-West, waarna Moorman instemmend knikte. Voor de VVD zijn Weesp en Zuid interessant.

De partijen waren het verder vrijwel unaniem met elkaar eens dat de lage opkomst in Amsterdam een groot probleem is. De nieuwe gemeenteraad wil een plan ontwikkelen om de opkomst bij de volgende gemeenteraadsverkiezingen te bevorderen. Dit moet zich specifiek richten op groepen die structureel ondervertegenwoordigd zijn, zoals in buurten als Osdorp Midden, waar slechts 18 procent van de bewoners kwam opdagen.

Er werden tijdens het eerste debat van de nieuwe raad al veel beloftes gedaan. Partijen zijn voor een nieuwe en constructieve politiek, minder op de persoon; vooral op de inhoud. Het is de vraag of de partijen deze constructieve toon de komende vier jaar zullen vasthouden.

Meer over