PlusTen Slotte

Politicus Rick ten Have: een ongrijpbare non-conformist

Rick ten Have. Beeld Suzanne Blanchard
Rick ten Have.Beeld Suzanne Blanchard

Rick ten Have (1949-2021) was tijdens zijn lange politieke carrière in Amsterdam een non-conformist. ‘Hij liet zich niet leiden door de mening van anderen.’

Als zevenjarige jongen verkondigde Rick ten Have al dat hij de politiek in zou gaan. En dat is gelukt, al schopte hij het niet tot burgemeester van zijn toenmalige stad Maastricht, het ambt waarvan hij als jongetje droomde.

De lange politieke carrière van Ten Have speelde zich af in Amsterdam, eerst als gemeenteraadslid, daarna als wethouder en tot slot als deelraadslid. Hij was een ‘typische persoonlijkheid’, een dossiertijger, maar ook een politicus die zijn eigen koers vaarde. “Rick ging niet voor de populariteitsprijs,” aldus Boudewijn Oranje, voormalig D66-stadsdeelvoorzitter in Centrum.

Rick ten Have is vlak na zijn 72ste verjaardag overleden. Hij leed al heel lang aan suikerziekte.

Ten Have kwam in 1967 naar Amsterdam om rechten te studeren. Het waren roerige jaren en hij was eerder al opgepakt bij een happening bij de Maastrichter Gijs, de Limburgse variant van het Amsterdamse Lieverdje. Het leverde hem een boete op van 100 gulden. In Amsterdam sloot hij zich aan bij D66, die toen net was opgericht.

Na zijn studie ging hij als docent economie aan de slag aan het Stedelijk Gymnasium in Haarlem. “Hij was heel vrij,” zegt oud-leerling Boudewijn Oranje. “Dat kon ook bijna niet anders, in de jaren zeventig op een progressieve school. We zaten veel bij elkaar aan tafel om te discussiëren. Toch heeft hij ons kennis weten bij te brengen, want onze klas scoorde bovengemiddeld voor het eindexamen economie.”

Koffertje met pijpen

In 1978 trad hij toe tot de Amsterdamse gemeenteraad. Hij vormde een driemanschap met Gerrit Jan Wolffensperger, de eerste D66-wethouder van de stad en Ernst Bakker. “We hebben veel meegemaakt,” zegt Wolffensperger. Het was de tijd van de krakersrellen, de leegloop van Amsterdam en van wethouder Jan Schaefer. “Rick was een non-conformist; hij liet zich niet leiden door de mening van anderen.” Hij viel op door zijn aparte kleding, zoals het strikje en het koffertje met pijpen, waaruit hij een keuze maakte als hij ging roken.

Dat non-conformisme zorgde ook voor irritatie bij politieke tegenstanders. Hij was intelligent, ervaren maar ook ongrijpbaar, zei toenmalig raadslid Eberhard van der Laan, de latere burgemeester, in 1993 tegen NRC Handelsblad. “Hij is net een slagje gladder dan de gemiddelde D66-politicus.”

Onbekend maakt onbemind

In datzelfde jaar stelde Het Parool hem de vraag waarom hij zoveel irritatie opwekte. “Onbekend maakt onbemind,” antwoordde hij. “In mijn omgang met mensen blijkt dat ik geen ongecompliceerde persoon ben. Men heeft weleens het gevoel dat het moeilijk is tot mij door te dringen: hoe is hij nu echt? Wie langer met mij omgaat, komt steevast tot de conclusie dat de eerste indruk de juiste was.”

Boudewijn Oranje die Ten Have in die jaren meemaakte als gemeenteraadslid: “Wij drukten hem wel eens op het hart dat hij meer moest nadenken over hoe hij over kwam. Daar had hij weinig aandacht voor.” Toen een CDA-raadslid hem betitelde als ‘politieke windhaan’, onderschreef hij dit enthousiast: een wethouder voert immers uit wat de gemeenteraad wil. “U vraagt en wij draaien.”

Voormalig VVD-wethouder Frank de Grave, later minister, omschrijft Ten Have als een ‘typische persoonlijkheid, met zijn koffertje, maar geen klassieke politicus.’ Ze zaten samen vanaf 1990 in een college. “Hij voerde geen politiek agenda, maar was vooral gericht op de goede verhoudingen in het college en daarmee erg belangrijk.”

Ten Have wilde dat de VVD in 1990 aan boord kwam, na de grote nederlaag van de PvdA. De sociaal-democraten waren nog wel de grootste partij in Amsterdam, maar D66, de grote winnaar, zat hen op de hielen. “Rick was voorstander van meer liberale samenwerking,” aldus De Grave. “We vormden een college van PvdA, D66, VVD en GroenLinks en waren daarmee de voorloper van het eerste Paarse kabinet in 1994, al deed GroenLinks daar niet aan mee. Frits Bolkestein had gezien dat het in Amsterdam werkte.”

Opmerkelijke stap

Na twee termijnen als wethouder keerde Ten Have terug naar het Stedelijk Gymnasium, al stond hij niet meer voor de klas. Hij ging voortaan de financiën doen. Zijn politieke loopbaan was nog niet voorbij. Ten Have zat nog in het bestuur van het Waterschap en trad in 2002 toe tot de deelraad Centrum. Een opmerkelijke stap voor een wethouder; meestal is een politicus eerst deelraadslid en daarna raadslid of wethouder en niet andersom. Hij deed het tien jaar en keerde in 2017 nog kortstondig terug. “Hij vond het een eer om in de deelraad te zitten,” zegt Boudewijn Oranje. “Rick kwam op voor het belang van de bewoners en deed dat met gezag.”

Rick ten Have was vader van vier kinderen en die kwamen ook weleens mee naar de raadsvergaderingen, herinnert Oranje zich. “Ze sliepen dan, of speelden wat. Rick vond het zijn verantwoordelijkheid als vader om op de kinderen te passen, ook tijdens het werk. Hij zette zich ook in voor een uiterste sluitingstijd van de raadsvergaderingen. Die moesten om elf uur ’s avonds klaar zijn, anders konden de raadsleden niet goed functioneren op hun werk of thuis.”

Meer over