PlusTen slotte

Oud-Parooljournalist Ada van Ree-van Benthem Jutting (1929-2022) had graag nog een boek geschreven

Een nieuwsgierig mens, tot op het einde scherp van geest en een rasoptimist die graag het goede in de medemens beschreef. Oud-Parooljournalist Ada van Ree-van Benthem Jutting overleed op 25 mei op 92-jarige leeftijd.

Hanneloes Pen
Ada van Ree-van Benthem Jutting (met witte sjaal). Bij collega’s gold ze als nijver, nieuwsgierig en optimistisch. Beeld Jan van Breda
Ada van Ree-van Benthem Jutting (met witte sjaal). Bij collega’s gold ze als nijver, nieuwsgierig en optimistisch.Beeld Jan van Breda

Van Ree werd als oudste kind op 16 november 1929 geboren in een Zeeuws gezin dat een boekwinkel runde in Middelburg. Boven aan haar rouwkaart is de ex libris met uil, ganzenveer en boeken afgebeeld van de zaak: Van Benthem & Jutting, anno 1801, met de tekst ‘Onvermoeide arbeid komt alles te boven’. “Ze was zelf heel nijver,” zegt haar oud-collega Marjo van der Meulen. “Nieuwsgierig ook. En heel optimistisch.”

Van Ree begon in de jaren zestig op de Nieuwezijds Voorburgwal, waar de krant na de oorlog tot 1966 zetelde. Ze was de administratieve steun en toeverlaat van dagboekanier Henri Knap en journaliste/feministe Wim Hora Adema van de Vrouwenpagina.

Zwaardvis

Ze wilde graag schrijven en kwam op de kunstredactie terecht, waar Bert van Ree eindredacteur was. De twee kregen een relatie en maakten in de jaren zestig en zeventig reizen naar Griekenland, Hongarije en Roemenië. Haar nicht Dorien Voorbrood-Pontier: “Het was in een tijd dat er niet veel toeristen naar die landen gingen. Ada was geïnteresseerd in mensen en andere culturen. Ze maakten eindeloos veel foto’s en dia’s.”

De Van Rees maakten in een Griekse haven een foto van een zwaardvis, die op de krant levensgroot werd afgedrukt, op multiplex werd geplakt en boven de ‘middentafel’ kwam te hangen, waar de eindredactie zat. Als de deadline vervroegd was, liet de eindredactie de vis, ten teken van sluiting van de krant, omlaag zakken.

In de jaren tachtig werd ze stadsverslaggever en maakte verhalen over Turkse en Marokkaanse jongeren en hun ouders. Van der Meulen: “Ze was erg met hen begaan en liet, vanuit een ideologisch standpunt, in haar verhalen zien hoe goed de gastarbeiders het deden.”

Eervolle vermelding

Vanuit de (hoofd)redactie kwam daar kritiek op. Haar oud-collega Bert Steinmetz herinnert zich hoe Van Ree eind jaren tachtig op de Meningenpagina terechtkwam en de ingezonden brieven sorteerde en redigeerde. “Die overplaatsing was niet met haar volle instemming,” zegt Steinmetz, destijds haar chef.

Voor haar serie over die ‘Nieuwe Nederlanders’ – getiteld Tussen twee werelden – kreeg ze overigens in 1983 een eervolle vermelding van de jury voor de Prijs voor de Dagbladjournalistiek. Ze gaf, aldus de jury ‘uitstekende voorlichting over het leven in de landen waar de ouders wegtrokken’.

Van Ree schreef ook nog twee boeken: Mies, over de Zeeuwse familieboekhandel, en Beter één bericht in de krant dan tien in de prullenmand over de spelregels voor omgaan met de pers. “Op haar sterfbed zei ze dat haar dood te vroeg kwam. Ze had graag nog een boek geschreven,” aldus haar nicht Dorien.

Ada van Ree is vrijdag gecremeerd op de Nieuwe Ooster.