PlusNieuws

Kukenheim: extra geld voor zorg moet naar ‘handen aan het bed’

De 675 miljoen euro die het kabinet in september heeft vrijgemaakt voor hogere zorgsalarissen, moet naar de ‘handen aan het bed’ gaan, niet naar managers met een zorg-cao. Daar pleit wethouder Simone Kukenheim (Zorg) samen met Amsterdamse zorginstellingen voor bij het demissionaire kabinet.

David Hielkema
Zorgwethouder Kukenheim wil dat vooral verpleegkundigen en verzorgenden profiteren van het extra geld voor zorgpersoneel. Beeld Hollandse Hoogte /  ANP
Zorgwethouder Kukenheim wil dat vooral verpleegkundigen en verzorgenden profiteren van het extra geld voor zorgpersoneel.Beeld Hollandse Hoogte / ANP

Op 18 maart 2020 klapte men massaal vanaf op het balkon of voor de deur voor de zorg. Dokters, verplegers en andere zorgmedewerkers kregen waardering voor het harde werken dat ze deden toen het coronavirus Nederland nét had bereikt.

De waardering werd door politieke partijen al snel gebruikt als pleidooi voor hogere zorgsalarissen. Na stroeve onderhandelingen kregen zorgmedewerkers vorig jaar een bonus van 1000 euro, dit jaar werd het 200 euro. Niet genoeg, oordeelden veel partijen. Een motie van ChristenUnie en SP leidde er vorige maand toe dat het demissionaire kabinet nu jaarlijks 675 miljoen euro gaat uittrekken om de salarissen te verhogen.

De middeninkomens in de zorg gaan daardoor met 1,5 procent ­omhoog. Dat geld gaat naar iedereen binnen de zorg-cao, dus ook naar boekhouders, receptionistes, hr-functionarissen en managers.

Maar niet als het aan de Amsterdamse wethouder Simone Kukenheim (Zorg) ligt. Zij pleit bij het demissionaire kabinet ervoor dat het geld juist naar ‘de handen aan het bed’ gaat. Oftewel: de zorgverleners waar in het begin van de crisis zo hard voor werd geklapt. “Het grote tekort in onze stad vraagt om een acute en een rigoureuze ingreep die dit mooie vak aantrekkelijker maakt dan het nu is.”

‘Echte keuzes’

In een brief aan de Tweede Kamer vraagt de wethouder, samen met Amsterdamse zorginstellingen, aan het demissionaire kabinet om een regierol te nemen bij het verdelen van de 675 miljoen euro. Het is eigenlijk aan de zorgbonden en werkgeversorganisaties om dit geld te verdelen, maar volgens Kukenheim vinden zij het moeilijk om ‘echte keuzes’ te maken. Cao-onderhandelingen monden vaak uit in een compromis, schrijft ze, waardoor verpleegkundigen minder snel écht beloond worden.

Amsterdam kampt met grote tekorten aan verpleegkundigen en verzorgenden. Dinsdag luidde branche­vereniging Actiz nog de noodklok dat de thuiszorg in de knel zit – patiënten krijgen minder hulp of moeten langer wachten wegens personeelstekort. ­Sigra, een regionaal samenwerkingsverband van organisaties in zorg en welzijn, telde tijdens het voorjaar 1783 zorgvacatures in en rondom Amsterdam. Vorig jaar waren dit er 1479.

Grotestedenbonus

Om de tekorten in Amsterdam tegen te gaan wil Kukenheim dat Amsterdam zelf ook meer regie krijgt. Hierbij kijkt ze naar de ‘grotestedenbonus’ die er voor leraren is. Zorgpersoneel zou ook een toelage moeten krijgen als ze in de Amsterdamse zorg werken, om zo een verdere exodus van zorgpersoneel uit de stad te voorkomen. Kukenheim: “Zeker in een grote stad als Amsterdam is dit een belangrijk punt, gezien de kosten voor levensonderhoud.”

Kukenheim wordt in haar oproep gesteund door revalidatiecentrum Reade, het OLVG-ziekenhuis, zorggroep Amsterdam Oost en zorgverzekeraar Zilveren Kruis. Vorige week staakten zorgmedewerkers nog voor betere lonen, gesteund door de vakbonden FNV en CNV. FNV stelt bovendien dat 675 miljoen veel te weinig is. Er moet volgens de bond minimaal 3,5 miljard bij om het salaris van verpleegkundigen gelijk te trekken met de markt.

Meer over