Nieuws

Jetten: geen nieuwe subsidies voor biomassacentrale

Het kabinet verstrekt per direct geen nieuwe subsidies meer aan biomassacentrales. Minister Rob Jetten (Klimaat) komt daarmee tegemoet aan de bezorgdheid dat de Nederlandse miljoenensubsidies bijdragen aan ontbossing in het buitenland.

Bart van Zoelen
De biomassacentrale van AEB in Amsterdam. Beeld EVA PLEVIER
De biomassacentrale van AEB in Amsterdam.Beeld EVA PLEVIER

Dat heeft de ministerraad vrijdag besloten. Nieuwe subsidies voor warmte uit de verbranding van biomassa blijven wel mogelijk, maar dan alleen voor hogere temperaturen in bijvoorbeeld de industrie of de productie van biobrandstoffen voor wegtransport. Niet meer voor de verwarming van kassen en gebouwen. Hiervoor, als de temperaturen beneden de 100 graden Celsius blijven, zijn volgens Jetten genoeg duurzame alternatieven.

Het vorige kabinet had al wel een tijdelijke subsidiestop ingesteld vanwege de bezorgdheid over de herkomst van biomassa, hout dat deels uit bossen in de Baltische Staten en het zuiden van de VS komt. Het nieuwe kabinet zou zich buigen over een ‘afbouwpad’ tot bijvoorbeeld 2025 of 2030, maar besluit dus nu al per direct een streep te zetten onder de subsidies voor biomassa.

Het besluit van Jetten heeft geen gevolgen voor subsidies die al afgegeven zijn. Voor de biomassacentrale van het Amsterdamse afvalenergiebedrijf AEB verandert er dus niets, ook niet voor de subsidie van energiebedrijf Vattenfall voor de bouw van een biomassacentrale bij Diemen, de grootste van Nederland.

Baanbrekend

Ondanks jarenlange voorbereidingen heeft Vattenfall nog geen besluit genomen over de bouw van de centrale vanwege de weerstand die de plannen hebben opgeroepen in de regio. De subsidie voor Vattenfall kan in 12 jaar oplopen tot 396 miljoen euro.

Tegenstanders van de verbranding van biomassa zijn blij met het besluit van Jetten. Dat noemen ze ‘baanbrekend en moedig’. Wel vindt Fenna Swart van Comité Schone Lucht dat Jetten ook de afgegeven subsidies voor biomassacentrales die nog niet zijn gebouwd zou moeten intrekken. Daarbij denkt ze hardop aan de Diemense centrale. “Ga niet door met een biomassacentrale die niemand meer wil.”

Eind 2020 waarschuwde het Planbureau voor de Leefomgeving nog dat de biomassasubsidies nog tot minstens 2030 nodig waren, omdat de verduurzaming van warmtenetten en de glastuinbouw anders duurder zou uitvallen. Minister Jetten is dus niet meegegaan met deze bezwaren. Dat doet hij niet alleen vanwege de bezorgdheid over de herkomst van het hout, maar ook omdat de biomassa zo duurzaam mogelijk moet worden ingezet en beter af als is als biologische grondstof in bijvoorbeeld de chemie als alternatief voor fossiele grondstoffen als aardolie.

Warme woningen

Jetten erkent dat het zonder biomassa moeilijker wordt om de verwarming van woningen te verduurzamen. Dat is ook de zorg van de NVDE, de branchevereniging voor leveranciers van duurzame energie. Volgens de NVDE worden de klimaatdoelen voor de gebouwde omgeving ‘nagenoeg onhaalbaar’ en sterker afhankelijk van (Russisch) aardgas als de stadsverwarming minder op biomassa kan worden gestookt. De NVDE verwijst naar TNO-onderzoek waaruit blijkt dat de kosten van verduurzaming 1,7 tot 2,6 miljard hoger uitvallen.

Minister Jetten belooft daarom extra in te zetten op duurzame alternatieven als geothermie, restwarmte en aquathermie. Overigens speelt bij de subsidiestop ook een rol dat biomassacentrales minder subsidie nodig hebben door de hoge gasprijs. Het ministerie van Jetten ziet het gebruik van biomassa voor warmte de komende jaren niet direct teruglopen.