Reportage

Gevluchte Oekraïners melden zich bij steunpunt RAI: ‘We zijn al 6 dagen onderweg’

Oekraïense vluchtelingen zijn vaak al dagen onderweg wanneer ze zich melden in de RAI, waar het Rode Kruis samen met de gemeente een humanitair servicepunt heeft ingericht. Vooral vrouwen en kinderen zoeken onderdak en medische hulp. ‘Zodra de oorlog voorbij is wil ik terug.’

Gijs Verhoef
Oekraïense vluchtelingen in de Amsterdamse RAI. Beeld ANP
Oekraïense vluchtelingen in de Amsterdamse RAI.Beeld ANP

In een ruimte met ronde tafeltjes, zitzakken en kinderspeelgoed dat verspreid over de vloer ligt, wacht Aleksandra (30) met haar moeder op een taxi die hen van de RAI naar een hotel zal brengen. Haar tweejarige dochter zit op schoot en is vrolijk aan het spelen. “Ze heeft niet door wat er aan de hand is,” vertelt Aleksandra. “Mijn zoon van acht merkt wel dat er iets is, hij begrijpt het allemaal wat beter.”

Aleksandra is gevlucht uit Tsjerkasy, 200 kilometer zuidoostelijk van Kiev. Haar man is nog in Oekraïne en vecht mee in het Oekraïense leger. “Ik vind het verschrikkelijk dat hij daar nog is. We bellen en sms’en veel met elkaar. Zodra de oorlog voorbij is wil ik terug naar mijn land.”

Oekraïners worden met busjes opgehaald van het Centraal Station en in de RAI ontvangen door medewerkers van het Rode Kruis. Hier krijgen ze te eten en te drinken en kunnen ze even uitrusten voordat ze naar een opvanglocatie worden gebracht. Daarnaast krijgen mensen de medische hulp die ze nodig hebben en is er de mogelijkheid om een burgerservicenummer aan te vragen.

Weinig mannen

Veel mannen, zoals de echtgenoot van Aleksandra, moeten in Oekraïne blijven om te vechten. De RAI zit dan ook vol met moeders, kinderen, tantes en oma’s. Dit geldt niet voor Etibar (29). Hij komt oorspronkelijk uit Azerbeidzjan en hoeft daarom niet het leger in. Hij wist samen met een vriend de grens over te komen en is nu op zoek naar onderdak. “Ik zoek een woning en werk. Ik heb in Oekraïne gestudeerd en gewerkt als kok, dat zou ik hier ook wel willen doen.”

De vluchtelingen blijven maximaal drie uur op het servicepunt. Hier worden ze opgevangen en gekoppeld aan een opvanglocatie. Vervolgens worden ze met busjes weggebracht. Sinds de opening van het servicepunt hebben al 460 vluchtelingen zich hier gemeld.

null Beeld ANP
Beeld ANP

De organisatie wil het aantal vrijwilligers snel opschalen zodat er ook tijd is om een luisterend oor en emotionele steun te bieden. “Ik merk dat de mensen die hier komen deze situatie heel onwerkelijk vinden,” zegt medewerker van Het Rode Kruis Floor Liu. “Een mevrouw vertelde dat ze het heel gek vindt om opeens vluchteling te zijn. Ze wil gewoon aan het werk. Ze werkte als data-analist bij een bank, maar zei dat ze indien nodig aardbeien wilde plukken, als ze maar verder kon.”

Luchtalarm

Op een aantal zitzakken zit Yakov (32) met zijn gezin. Hij wordt gesteund door zijn Nederlandse vriend Dennis (27) bij wie hij de komende dagen blijft slapen. Yakov is samen met zijn vrouw en kind van zes gevlucht uit Kiev. “Mijn kind heeft een beperking, dus ik kon echt niet achterblijven.” Bij de Poolse grens werd Yakov tegengehouden. “Ik mag eigenlijk het land niet uit omdat ik een man ben, dus zijn we te voet via een kleine grensovergang in de bergen gevlucht.” Yakov en zijn gezin zijn al zes dagen onderweg. “We zijn via Praag en Berlijn naar Amsterdam gekomen.”

Yakov werkte als makelaar, maar denkt nu als vertaler aan de slag te kunnen. “Ik hoop snel werk en een woning te vinden. Het liefst iets op het platteland, waar ik samen met mijn gezin kan zijn.”

De familie van Yakov is nog Oekraïne en hij houdt ze via een app op zijn telefoon in de gaten. “Op deze app krijg ik een melding als in de stad waar mijn ouders wonen het luchtalarm afgaat. Elke keer als ik een melding krijg, ben ik bang.”

Meer over