PlusReportage

Circulaire varkens uit Amsterdam mogen best even geknuffeld worden

Als antwoord op voedselverspilling, overmatige vleesconsumptie en dierenleed heeft Amsterdam zijn eigen varkensboerderij. Geen bioboer maar een weiland waar straks honderd biggen rondsnuffelen. ‘Zo worden mensen gedwongen na te denken over hun vleesconsumptie.’

Afgelopen week mochten ze er acclimatiseren, zondag werden dertig 'circulaire' varkens losgelaten in het weiland van bioboer De Herkomst. Beeld Dingena Mol
Afgelopen week mochten ze er acclimatiseren, zondag werden dertig 'circulaire' varkens losgelaten in het weiland van bioboer De Herkomst.Beeld Dingena Mol

Circulaire varkens. Varkensboer Dirk Koolen zegt het een paar keer alsof het de normaalste zaak is. Nee, dat zijn geen tonronde biggetjes – hoewel Koolens veestapel de komende maanden flink zal aandikken. De biggen die zondag voor het eerst door het weiland van duurzame veeteler De Herkomst bij Osdorp scharrelen, worden gevoed met hoofdstedelijk afval. Om uiteindelijk zelf als voedsel op Amsterdamse borden te eindigen.

“We willen met z’n allen minder vlees eten, minder mestuitstoot, minder dierenleed,” zegt Koolen. “Maar de vraag welk vlees daar bij hoort, wordt niet beantwoord.” Extensief varkensboeren is een antwoord. “Daardoor krijgt vlees ook een prijs die bij duurzaamheid en dierenwelzijn hoort. Zo worden mensen ook gedwongen na te denken over hun vleesconsumptie.”

Drie jaar geleden begon hij op proef in Sloten, daarna met een aantal varkens bij bevriende boeren. Maar de droom bleef een eigen boerderij. “Ik wilde een plek waar mensen vanuit de stad op de fiets heen kunnen. Dat je kunt zien waar je voedsel vandaan komt.”

Struinpad

Koolen, die eerder voor Albert Heijn en Instock overtollige voedingswaar organiseerde, landde op een steenworp van de Tuinen van West, waar meer circulair geboerd wordt. “Ik huur anderhalve hectare weiland van het recreatieschap van de provincie Noord-Holland. Er loopt een struinpad doorheen, mensen lopen straks langs de dieren. Ik kan hier zeker vijf jaar aan de slag. Dat is genoeg tijd om er geld in te investeren.”

Er is plek voor honderd varkens, maar Koolen begint met dertig. “De biggen zijn maandag gekomen, ik heb ze zelf opgehaald. Ze hebben eerst een weekje op tien bij tien meter gestaan om te wennen. Maar vandaag gaan ze los.”

Nou ja los, het zijn bepaald geen lentekalfjes die huppelend de wei bestormen. “Ze liggen vooral en wroeten wat. We hebben in Engeland varkenshokken gehaald als ze willen schuilen. Maar daarin gaan ze weer bovenop elkaar liggen.”

Het zijn oerhollandse biggetjes van varkensras Het Nederlands Landvarken. “De laatste decennia worden er in de veeteelt vooral sneller groeiende varkensrassen gebruikt. Mijn concept is toch al traag. Dan kun je best een varkentje hebben dat ook wat trager is.”

De Herkomst is een wereld verwijderd van de varkensflats uit de bio-industrie, een wereld waar Koolen vandaan komt. “Ik woon al tien jaar in Amsterdam maar mijn wortels liggen in Brabant, de varkenshoofdstad van Europa. Dat is een wereld met veel beton en kleine hokken. Daar zie je wel dat het anders moet.”

Voedselafval

Koolens biggen worden gevoed met voedselafval, maar dan niet geperst tot varkenskorrels. Het zijn reststromen uit de buurt. Zoals de bostel die overblijft bij bierbrouwer Oedipus en de druifloze ranken van wijnmaker Chateau Amsterdam. Maar ook de wei van kaasboeren, afgekeurd fruit voor de fruitmanden van Fruitful Office, mislukte koekjes van de industriebakker en loof van suikerbieten dat anders op het land blijft liggen.

“Die bedrijven zitten ook met hun afval. Het is vaak te weinig om rendabel te verwerken, dus gaat het naar de vuilverbranding. Als je geluk hebt wordt er biogas van gemaakt. Wij willen het in de voedselketen houden.”

De varkens gaan een onbezorgde zomer tegemoet. Maar rond september wordt geslacht. Het vlees wordt door worstenmaker Postma in Haarlem verwerkt. “We rekenen wekelijks op zo’n 80 kilo. Wij verkochten vooral aan restaurants maar die hebben het nu moeilijk. Dat komt wel weer. Veel horeca wil het anders gaan doen, meer werken met ultralokale producten.”

Koolen brengt de circulaire varkensworst nu via de website van De Herkomst aan de man en straks ook via het verwante Boerenenburen.nl. “Ik lever het zelf, maar alleen in groot-Amsterdam. Het heeft geen zin om hiermee naar Utrecht te rijden. Dan gaat het concept kapot.”

Knuffelen

Het weiland bij de Westrandweg is niet de laatste stap, denkt Koolen. “Ik wil dit het liefste het hele jaar volhouden. Hier lukt dat zes maanden, misschien iets langer. Maar varkens moeten droog kunnen staan en we hebben hier geen stal.” Ook zijn de groeimogelijkheden beperkt. “De grond kan de hoeveelheid mest van deze varkens verwerken, meer niet.”

Dus of dit de definitieve plek is voor zijn varkensparadijs, weet hij nog niet. “Ik zit nu op drie plekken: een kantoor, een opslag voor het vlees en dit weiland. Ik wil ook graag een bezoekerscentrum. Mensen vragen me nu al of ze een keertje kunnen langskomen om varkens te knuffelen.”