Plus

Bonne Suits opent nieuwe winkel/galerie, midden op de Warmoesstraat: ‘Er is hier een te gekke combinatie van spanning’

Bonne Reijn, de geboren en getogen Amsterdammer met de roerige jeugd wiens winkel de Zeedijk cool maakte, heeft een nieuwe winkel/galerie/muziekstudio in de Warmoesstraat. Een plek waar jongeren ook hun hart kunnen luchten: ‘Een soort mildere versie van De Kindertelefoon’.

Fiona Hering
Bonne Reijn: ‘Ik zou het te gek vinden als iedereen in een Bonne Suit loopt, maar ook zijn persoonlijkheid laat spreken.’ Beeld Maarten van der Kamp
Bonne Reijn: ‘Ik zou het te gek vinden als iedereen in een Bonne Suit loopt, maar ook zijn persoonlijkheid laat spreken.’Beeld Maarten van der Kamp

Als het aan Bonne Reijn (31) ligt zou ­iedereen die voor het eerst een belastingbiljet invult een Bonne Suit moeten krijgen. En dan, als een hele generatie langzamerhand in hetzelfde uniform loopt, kan de lol beginnen. Geen klassenverschil en statuskleding voor de jeugd, maar ­status op basis van bijvoorbeeld sociaal gedrag.

Zeedijk 60, Reijns eerste winkel met diverse merken, barst uit zijn voegen en zijn merk ­Bonne Suits verdient inmiddels een eigen plek: het pand waarin tot tien jaar geleden 150 jaar lang koffiebranderij Geels & Co huisde.

Wordt de Warmoesstraat, nu jij er bent ­neergestreken, de nieuwe Zeedijk qua cool?

“Ik hoop het. Deze straat is heftig, complete toeristengekte, maar ik zie groot potentieel: een alternatieve route voor kwaliteitstoerisme. ­Diegenen die niet voor de hasj komen, maar voor cultuur en om te shoppen. Ik dacht altijd dat toeristen vanaf CS via de Zeedijk het centrum binnenkwamen, maar dat klopt niet. Hordes toeristen lopen juist vanaf CS over het Damrak, halverwege gaan ze met hun versufte hoofd googelen wat er leuk is in de buurt.”

“Perfect, precies bij de Oude Brugsteeg, die slaan ze in en dan lopen ze pal tegen mijn ­pand aan. Er is geen ontsnappen aan, de grote etalageramen fungeren als een soort fuik. Als ze eenmaal hier zijn, dan is er in een radius van 300 meter een te gekke combinatie van spanning: sekstoerisme, gekke barretjes en entertainment, en winkels als POP Trading, Patta, TNO, Stüssy, en Zeedijk 60 natuurlijk. Laat ik vooral ook niet de NV Zeedijk vergeten, en al het goeds dat ze doen voor de binnenstad.”

Bonne Suits bestaat acht jaar, hoe groot is het merk nu?

“We verkopen in België en in een paar winkels in Japan, de webshop bedient een groot deel van Amerika, en Engeland is ook een grote afnemer. We shippen wereldwijd, daarom is het zo goed om een flagshipstore te hebben. Mensen ­kunnen hier passen. Omdat we zo weinig plek hadden, 50 vierkante meter voor drie merken, zónder stockroom, moesten we op de Zeedijk vaak nee verkopen. Hier hangt alles.”

Tijdens de opening stond er 500 man op straat.

“Thank God. Na het weekeinde liep het storm met precies de toeristen die we graag willen. Nederlanders geven nog steeds weinig geld uit aan kleding, daarbij is mijn fanbase jong. Het wordt een onwijs spannende periode, Zeedijk 60 was een groepsding. Ik woonde met vrienden op de Oude Schans in een huis dat ik van mijn moeder heb geërfd. Ik kon geen personeel betalen en vroeg ze in de winkel te staan, in ruil mochten ze er ook hun eigen merk verkopen.”

“In de Warmoesstraat zijn we voor het eerst met personeel en een heuse storemanager gestart. Een bizarre stap, we doen het nog steeds met ­eigen geld. Justus Cohen Tervaert is mijn businesspartner, ik zit barstensvol ideeën en energie, te veel soms. Hij is de rem, ik ben het gas.”

De winkel is tevens galerie en muziekstudio.

“Ik ben hier opgegroeid en wil met culturele initiatieven een positieve draai geven aan deze plek. Buurthuizen zijn wegbezuinigd, er is hier geen cohesie voor jonge mensen. In Oost, West en met name in Noord gebeuren veel ­leuke dingen, dat wil ik hier ook. Elke twee maanden gaan we daarom shows cureren, in september met jong talent van de Rijksakademie en twee lokale kunstenaars. De kickoff is de tentoonstelling De Schans hier en nu, een voortzetting van de kunstshows die ik sinds mijn achttiende organiseer in mijn woonkamer.”

“Veel vrienden en ook hun ouders vonden het een verademing om van werken te genieten, zonder dat er een galeriehouder staat in te schatten hoeveel geld je in je portemonnee hebt. De kunstverzameling die ik heb opgebouwd hangt nu hier, aangevuld met werk van diezelfde kunstenaars voor de verkoop.”

“In de kelder komt een muziekstudio, een testcase voor Aanpak Binnenstad, een subsidieplatform van de gemeente, die voor een interessante dynamiek gaat zorgen. Buurtkids mogen hier muziek maken, afgewisseld door profartiesten. Er slaapt op dit moment een punkband uit New York bij mij thuis, die wil hier een EP opnemen.”

De entresol wordt een plek die hulp biedt aan jongeren met problemen, een samenwerking met @Ease.

“Je hebt natuurlijk De Kindertelefoon, dit is een mildere versie, althans zo voelt het, want voor mij was dat een te grote stap. Alsof ik dan toegaf echt een nutcase te zijn met een groot probleem. Hier kan vanaf 30 augustus iedereen tussen de 12 en 25 jaar op dinsdag van 3 tot 6 binnenlopen als hij zich niet goed voelt. Je hart luchten in een vertrouwd gesprek met een vrijwilliger kan al flink opluchten, maar we kunnen ze ook doorverwijzen. Ik hoop dat kids zich hier op hun gemak voelen.”

Is dat iets wat je gemist hebt? Je hebt immers zelf ook een jeugd gehad met nare ervaringen.

“Klopt, mijn moeder is overleden toen ik acht was, daarvoor woonde ik in Dedemsvaart op kwekerij Moerheim bij de familie van mijn moeder én bij mijn vader en zijn gezin op de Oude Schans in Amsterdam. Ik kwam fulltime bij mijn vader terecht, ik neem het hem niet kwalijk, maar dat was een ingewikkelde gezinssituatie.”

“Op mijn veertiende ben ik van huis weggelopen. Gelukkig zijn er mensen geweest die me hebben geholpen een weg te vinden. Toen ik na vele omzwervingen terugkwam in het huis op de Oude Schans lag er een briefje van vijftig op tafel met de woorden: ‘Bonne we zijn naar Beverwijk verhuisd, succes’.”

Heftig, en toen?

“Ik heb het huis leeg getrokken en ben er met mijn vriendin gaan wonen. Om financieel overeind te blijven ben ik kamers gaan verhuren. Ik zocht een baan en gaf mijn cv af bij de hele Rozengracht, de pizzeria, de kebabzaak, de avondwinkel. Én bij SPRMRKT, waar ze te gekke kleren verkochten: Damir Doma, Margiela, Rick Owens, merken waar ik nog nooit van had gehoord. Ik droeg een stomme jas, maar alleen zíj belden terug en waren superlief voor me, terwijl ik een ongelooflijke adhd-puber was.”

“Daarna werd ik stylist voor rapduo The Opposites en pop-rockband Go Back to the Zoo, en werkte ik als stylist en casting director voor Patta. Daar raakte ik bevriend met mede-eigenaar Guillaume Schmidt, hij werd mijn mentor en zei dat ik alle energie die ik in anderen stopte moest gebruiken om iets voor mezelf te doen.”

Wat legde de basis voor Bonne Suits?

“Op de kwekerij droeg ik als kind vaak een kobaltblauwe overall. Ik kocht er drie bij de Mof op de Haarlemmerdijk, droeg ze in het uitgaans­leven en kreeg veel complimenten. Toen begon het te borrelen. Ik wilde een merk opzetten dat toegankelijk was voor iedereen, gebaseerd op werkmanskleding, makkelijk te produceren en uniseks.”

“Ik las in die tijd veel over communisme en constructivisme. De utopische gedachte erachter vind ik interessant, voor oplossingen moeten we met z’n allen samenwerken. Aan het initiële idee voor Bonne Suits ligt communisme ten grondslag.”

Iedereen hetzelfde pak, wordt dat niet saai?

Nee, want ieder zal zich toch proberen te onderscheiden, versiering is een oerinstinct van de mens. Je willen voortplanten, bovenaan in de groepsrang komen, dat heeft te maken met sterk zijn en zorgen voor, maar ook met opvallen, je onderscheiden. Ik zou het te gek vinden als iedereen in een Bonne Suit loopt, maar zijn persoonlijkheid laat spreken, bijvoorbeeld door omgangsvormen. Onze laatste regel in marketingslogans is altijd no class.”

“Ik hoop dat klasse in de toekomst niets meer te maken heeft met je dure Nike Dunks van 380 euro, maar dat je even heel simpel teruggaat naar de basis en een omaatje helpt oversteken. Kijk om je heen waar je kan helpen, dat dát je waarde geeft. Waar veel klanten op aanhaken bij het merk: als je de Bonne Suit draagt, dan gaat het juist weer om jou, om wie je bent.”

Wat zijn de toekomstplannen voor Bonne Suits?

“We zijn net maar liefst vier jaar bezig geweest om katoen met mineralen te verven, waarvoor 70 procent minder water nodig is. Dat heeft geresulteerd in een speciale collectie. Eerder maakten we al een tussencollectie van koffieresidu, daar willen we graag mee verder. Duurzaamheid is naast inclusiviteit de tweede pijler van BS. De komende collectie heet Bonne Suits Full Circle, en is een samenwerking met Full Circle. Zij maken kleding van half ecokatoen half petfles, alle onderdelen recyclebaar. Lever je een kledingstuk weer in, dan krijg je de borg terug of korting. Zij gaan die collectie ook voor ons recyclen.”

Bonne Reijn in zijn nieuwe winkel/galerie in de Warmoesstraat. Beeld Ivo van der Bent
Bonne Reijn in zijn nieuwe winkel/galerie in de Warmoesstraat.Beeld Ivo van der Bent