PlusNieuws

Amsterdams rechtbankgebouw als ‘bouwpakket’ naar Enschede om kantoor te worden

Het gebouw dat vijf jaar dienst deed als de Amsterdamse rechtbank wordt uit elkaar geschroefd en verhuist naar Enschede. Nou ja, zonder het kogelvrije glas en het cellencomplex dan.

Bart van Zoelen
Het interieur van de tijdelijke rechtbank. Na ruim vijf jaar aan de Parnassusweg verhuist het pand naar een nieuwe locatie.  Beeld Joris van Gennip
Het interieur van de tijdelijke rechtbank. Na ruim vijf jaar aan de Parnassusweg verhuist het pand naar een nieuwe locatie.Beeld Joris van Gennip

“Dit gebouw is eigenlijk één grote meccanodoos,” wijst architect Ronald Schleurholts in de inmiddels bijna leeggeruimde rechtbank. Cepezed, het architectenbureau waar Schleurholts een van de architecten en partners is, ontwierp het in 2015 als tijdelijke behuizing voor de Amsterdamse rechtbank waarvoor in de tussentijd even verderop een splinternieuw complex is opgetrokken. “Als je goed kijkt, is de constructie helemaal in elkaar geschroefd. Geen specie, geen lassen.”

En dus kan het gebouw ook weer makkelijk worden ontmanteld en zelfs verplaatst. Woensdag werden de eerste bouten losgedraaid. In het voorjaar is aan de Parnassusweg van het hele gebouw niets meer te bekennen. In onderdelen verhuist het naar Enschede, waar het vanaf begin 2023 gebruikt gaat worden als bedrijfsverzamelgebouw.

De sloop is daarom een kwestie van ‘afpellen’, zegt Schleurholts. Al bij het ontwerp is daarover nagedacht. Dat zit ’m in details zoals de met magneten bevestigde routebordjes die de weg wezen naar de zittingszalen, maar ook in de hele gevel van simpel los te schroeven houten platen die tegen weer en wind worden beschermd door een ‘regenjas’ van opgespannen doek. Hetzelfde doek is verwerkt in de balustrades. “Dat kunnen we zo oprollen en meenemen.”

Saus van beton

Onder de vloeren is het verschil met de meeste andere gebouwen nog het duidelijkste te zien. Schleurholts wijst naar de stalen vloerconstructie die gedemonteerd kan worden door vuistdikke bouten los te draaien. In veel andere gebouwen is daar nog een saus van beton overheen gegaan. “Simpel gezegd blubberen we in de bouw alles aan elkaar. Dat werkt goed als het stevig moet zijn, maar je kunt er daarna nooit meer iets mee.”

In een rechtbank zijn logischerwijs nogal wat apparaten die stevig aan het gebouw verklonken moeten zitten. De consequentie is wel dat de plafonds waarin bijvoorbeeld wifi-kastjes, verlichting, camerasystemen en rookmelders zijn bevestigd als verloren kunnen worden beschouwd. Die gaan niet mee naar Enschede. Maar ook daar is al bij het neerzetten van het rechtbankcomplex over nagedacht. Al dit soort apparaten zijn verwerkt in een kleine strook in de plafonds, waardoor het grootste deel van de platen opnieuw te gebruiken is.

Wat écht, écht vast moest zitten, werd dan weer wel in beton uitgevoerd. In dertig cellen werden verdachten vastgehouden in afwachting van hun proces later die dag. Die cellen zijn opgebouwd uit betonnen kubussen die bij de bouw in het rechtbankgebouw zijn gehesen. De stalen celdeuren zijn gerecycled uit een oud politiebureau. Ook de cellen gaan niet mee naar Enschede, net als het kogelvrije glas van de receptie overigens. “Misschien dat de cellen nog terugkomen als schuurtjes in iemands achtertuin. Of als fietsenstalling.”

‘Permanent gebouw op tijdelijke locatie’

Tijdelijke gebouwen zijn natuurlijk wel bekend van dependances bij scholen en asielzoekerscentra, maar volgens Cepezed gaat het bij de meer dan vijfduizend vierkante meter rechtbank om het eerste grote gebouw in Nederland dat terugkeert op een andere plek. Schleurholts spreekt van ‘een permanent gebouw op een tijdelijke locatie’. “Daardoor konden we investeren in goede materialen en losbreken uit de kortzichtigheid van de consumptiemaatschappij waarin je weinig uittrekt voor spullen die je maar vijf jaar nodig hebt.”

Dat werd in 2017 al gehonoreerd door de jury van de Gouden A.A.P. De tijdelijke rechtbank kreeg deze Amsterdamse architectuurprijs voor het beste gebouw van dat jaar. Een noodgebouw uit gestapelde containers was voor een rechtbank geen optie, volgens Schleurholts. “De rechtspraak moet mensgerichtheid en zorgvuldigheid uitstralen. Dan wil je geen houtje-touwtjegebouw.”

Dat zoveel mogelijk onderdelen uit het gebouw opnieuw te gebruiken zijn, was al vanaf het begin opgelegd door de opdrachtgever, het Rijksvastgoedbedrijf. Verspilling moest worden voorkomen en daarom waren de bouwers verplicht alle onderdelen terug te nemen als de nieuwe rechtbank klaar was. Die gingen daarmee akkoord, maar toen nog zonder concrete bestemming voor het pand, met alle commerciële risico’s van dien. Het gebouw werd overgedaan aan sloopbedrijf Lagemaat en die heeft daarvoor in Enschede een nieuwe plek gevonden.

Verspilling voorkomen

Gaan we voortaan vaker demontabele en verplaatsbare gebouwen zien? “Slepen met gebouwen is ook weer niet de bedoeling,” zegt architect Schleurholts. Flexibel aanpasbare gebouwen hebben de toekomst, al is het principe eeuwenoud. “Kijk naar de pakhuizen in de Amsterdamse grachtengordel. Die hebben soms al twintig keer een andere functie gehad.”

Dat de tijdelijke rechtbank is opgetrokken uit losse onderdelen en ‘remontabel’ is, geeft extra mogelijkheden om verspilling te voorkomen. “Als er intussen nieuw glas is ontwikkeld dat beter isoleert, dan vervang je alleen het glas.” In Scheveningen heeft Cepezed ook weer een tijdelijk en demontabel ontwerp gemaakt voor een nieuw gevangenisziekenhuis. Vlakbij een kwetsbaar natuurgebied, waardoor het vanwege de strenge stikstofregels als geroepen komt dat de losse onderdelen ter plekke alleen nog in elkaar geschroefd hoeven worden.

Van het rechtbankgebouw komt in gewicht uitgedrukt zo’n 90 procent van de materialen terug in het bedrijfsverzamelgebouw in Enschede, schat Lagemaat. Het sloopbedrijf heeft al enkele tientallen slooppanden gebruikt als materialendepot voor nieuwe gebouwen en dat zal alleen maar vaker gaan gebeuren nu de grondstoffen wereldwijd zo duur zijn geworden.

Studentenhuisvesting

Het hele proces van demontage en bouw in Enschede heeft nog wel wat voeten in de aarde. Probleem is alleen al dat de onderdelen die als laatste overblijven in Amsterdam als eerste weer nodig zijn in Enschede, waardoor veel bouwmaterialen lange tijd opgeslagen moeten worden. Uitgedrukt in precieze aantallen gaat zo’n driekwart van de onderdelen mee naar Enschede, ook al omdat de kosten van het losmaken van sommige kleine en lichte onderdelen niet opwegen tegen de verspilling die wordt voorkomen.

De nieuwe rijksbouwmeester, deze week aanwezig bij het losschroeven van de eerste bouten, is ronduit enthousiast over het demontabele gebouw. “Het is een heel functionele, maar ook duurzame manier van bouwen,” zegt Francesco Veenstra die nu twee maanden in functie is. Hij ziet mogelijkheden voor dit soort tijdelijke, verplaatsbare gebouwen bij de opvang van vluchtelingen, studentenhuisvesting en bij stadsvernieuwing in oude wijken.

Noodgebouwen zijn er al heel lang, zegt Veenstra, ‘maar nooit op deze schaal en op een manier dat zoveel onderdelen een tweede leven krijgen.’ “Ze waren altijd van een troosteloze middelmatigheid die ik niemand gun.” Het is een wereld van verschil met de tijdelijke rechtbank. “We zijn gewend gebouwen voor de eeuwigheid neer te zetten. Dat doen we met dit gebouw ook, maar dan niet op dezelfde plek.”

Meer over