PlusExclusief

Altijd vrolijk, ontzettend gedreven: Matthijs Everard (2002-2022) had met iedereen een klik

Matthijs Everard deed alles voor zijn team, maar was buiten het veld minstens net zo fanatiek. Beeld Leon Harting
Matthijs Everard deed alles voor zijn team, maar was buiten het veld minstens net zo fanatiek.Beeld Leon Harting

Gangmaker Matthijs Everard had het helemaal voor elkaar. Een eigen kamer in De Pijp, een goede studie, vrienden bij de vleet. Tot een val hem fataal werd, pas 19 jaar jong.

Hans van der Beek

Op de laatste avond van de stedentrip met 5 vwo naar Praag ontsnapte een groep jongens uit het hotel om stiekem naar de discotheek te gaan – een klassieker. Bij terugkomst, om een uur of vijf, zes alweer, werd Matthijs Everard door een docent betrapt, als enige.

Ondanks grote druk hield hij zijn kaken stijf op elkaar over de rest. “Deze is op mij, jongens,” zei hij. Het leverde hem een dag schorsing op, en eeuwig respect van zijn vrienden.

Ook in de achterhoede van het zeer succesvolle vriendenteam van hockeyclub Pinoké pakte hij, als last man standing, regelmatig een gele kaart als dat voor de wedstrijd nodig was.

Dat was Matthijs Everard. Alles voor zijn team.

Een druk baasje, een gangmaker, altijd vrolijk. En een typerende blonde lok. Daar mocht niemand aanzitten.

Sociaal en fanatiek

Vriend Jesper Appels: “Elkaar altijd lekker afzeiken, helemaal stukgaan, maar heel erg veel van elkaar houden.”

Vader Arthur Jansen: “Hij had altijd zo’n glimlach op zijn gezicht. En een ontzettend sociale jongen, hij legde heel erg makkelijk contact.”

Vriend Joppe Stappenbelt: “Als we een avond gingen stappen in Den Bosch, had hij 15 nieuwe vrienden erbij.”

Maar naast een uitbundig sociaal leven, was hij ook ontzettend gedreven, zeker als het ging om sport of zijn studie. Dan kon hij zich net zo makkelijk drie weken op zijn kamer opsluiten om non-stop te studeren, in zijn joggingbroek.

Dispuutgenoot Vigo Zeijl: “Soms had hij zijn borrelkleding al aan, maar zat hij wel nog tot de laatste minuut te studeren.”

Teamspeler

Matthijs Everard werd in 2002 geboren in Amsterdam-Zuid. Bijzonder: hij kreeg de achternaam van zijn moeder, Suzanne Everard. Vader Jansen: “Jansen komt al zo veel voor, en Everard maar weinig.”

Beide ouders werkten in de financiële sector. Samen met oudere zus Julia verhuisde het gezin naar Amstelveen, waar Everard al op jonge leeftijd ging hockeyen bij Pinoké. Hij kwam terecht in een ijzersterke lichting, die tijdens hun tienerjaren tien keer streed om de titel. Zes keer werden ze landskampioen, vier keer in de zaal en zelfs twee keer in het veld.

Vader Jansen: “Hij had niet het hele grote talent, maar hij was wel degene die belangrijk was voor de teamspirit. ‘We hebben Matthijs nodig,’ zei zijn trainer altijd. ‘Hij heeft met iedereen een klik’.”

Studentenleven

Na het vwo op het Keizer Karel College studeerde hij Business Analytics aan de VU, een combinatie van wiskunde, informatica en economie. Met zijn natuurlijke bravoure had hij grootse plannen voor de toekomst. Succesvol worden, dat sowieso, een eigen bedrijf, in elk geval niet in loondienst bij een baas.

Zijn studentenleven begon een half jaar geleden pas echt. Everard vertrok naar Amsterdam, sloot zich aan bij studentenvereniging Lanx en vond een kamer bij een dispuutgenoot in De Pijp.

Vader Jansen: “Hij had alles voor elkaar wat hij wilde. Het huis uit en een mooi studentenleven, net als zijn zus dat heeft in Delft. Het was hem allemaal gelukt. Het heeft helaas niet lang mogen duren.”

Groots afscheid

Op dinsdag 4 januari, alleen thuis in De Pijp, werd een noodlottige val hem fataal. Vorige week donderdag werd zijn kist naar het clubhuis van Pinoké gebracht. Daar namen zo’n 700 mensen afscheid van hem. Ze kwamen uit het hele land. Een dag later werd hij op Zorgvlied begraven.

Zijn familie vindt troost in het donorcodicil van hun zoon. Vader Jansen: “Matthijs was natuurlijk heel sportief en gezond. Hij heeft al zijn organen kunnen doneren. Dat maakten ze maar zelden mee, zeiden de artsen.”

Meer over